Categorie archief: Landschap

Herinckhave / Fleringen

Nieuw boek en advies over de inrichting van de toegangslaan

N.a.v de volgende nieuwe publicatie over de havezate Herinckhave te Fleringen, willen we onze lezers een artikel aanbieden over beeldenlanen: Gisela L.H. Bijleveld-von Bōnninghausen, Landgoed Herinckhave, 2016.

CnewMI1XEAAytAt

In 2004 bracht ons bureau een advies uit over deze havezate, en speciaal over de toegangslaan op deze buitenplaats, die de gemeente daar met beelden wilde inrichten. Dit advies viel negatief uit t.a.v. het plaatsen van die beelden daar.

Naar aanleiding van dit advies schreef Carla Oldenburger in Cascade Bulletin, jrg. 13 (2004), nr.1, een artikel: ‘Beeldententoonstellingen op historische buitenplaatsen‘. Pagina’s 10-17 gaan exclusief over de toegangslaan op Herinckhave.

Les trois Hollandaises bij Schoorldam

In het Stedelijk Museum Alkmaar is op dit moment (t/m 28 augustus 2016) een kleine tentoonstelling te zien over het werk en het verblijf van Pablo Picasso in Noord-Holland. Hij bezocht in 1905 vanuit Schoorldam het buitengebied van Kennemerland en West-Friesland en maakte onder andere dit prachtige schilderij van drie boerenmeisjes langs het Noordhollands Kanaal.

Pablo_Picasso,_1905,_Les_Trois_Hollandaises,_peinture_à_la_colle_sur_carton,_77_x_67_cm,_Musée_Picasso,_Paris
Pablo Picasso, Les Trois Hollandaises, 1905 (Musée Picasso Paris)

Waarom ben ik altijd al zo gefascineerd geweest door dit schilderij?  Eindelijk weet ik het. Dit beeld, dat wil zeggen dit ‘landschap’,  ken ik al vanaf mijn vijfde jaar. Ik zie hier een stolpboerderij bij Schoorldam langs het Noordhollands Kanaal, tijdens een ontmoeting van drie Noord-Hollandse vrouwen. Ik ken dit beeld uit 1944. Mijn moeder bracht mij op de fiets ‘naar de boeren’, omdat er te weinig eten was in Amsterdam. Onderweg langs het Noordhollands Kanaal raakte mijn karretje los van haar fiets, terwijl mijn moeder dat niet merkte en al kletsend met andere vrouwen,  doorfietste.  Zo stond ik alleen langs het kanaal tegenover een boerderij met een raar dak, een dak met een spiegel weet ik nu. Ik was de hele gebeurtenis vergeten totdat ik in 1980 met de auto een deel van hetzelfde traject aflegde. Plotseling zag ik in de buurt van Schoorldam, dat beeld weer voor me.  Kennelijk had het veel indruk op mij gemaakt. Hoewel ik veronderstel dat Picasso de drie vrouwen schilderde met de drie Gratiēn van Rubens of Botticelli in zijn achterhoofd, zie ik alleen op dit schilderij het pure Noord-Hollandse landschap met de karakteristieke monumentale stolpboerderij, het Noordhollands Kanaal en een Hollandse lucht.

Hoe is het mogelijk, monument en landschap, zaken die nog steeds belangrijk voor mij zijn.

Carla Oldenburger

Theodorus Beckeringh en de borgenkaart. Groninger Museum t/m 23 oktober

Mr. Theodorus Bekering (1712-1790, jurist en amateur cartograaf), was de samensteller van de Kaart of Land Tafereel der Provincie van Groningen en Ommelanden, voor het eerst uitgegeven in 1781.

Portret-Beckeringh

 Jan Abel Wassenbergh (1689 – 1750). Theodorus Beckeringh. Olieverf op doek, 1735. Part. Coll. Foto: Groninger Museum (John Stoel)

De kaart staat bekend als de borgenkaart van Beckeringh. In de rand van de kaart staan een groot aantal borgen afgebeeld, waarvan de ligging op de kaart zelf is aangegeven.

KBN020020416, 6/29/11, 9:54 AM, 8C, 7990x10385 (0+92), 100%, JUNI 2011 PPRO, 1/120 s, R44.1, G14.0, B13.8Detail van de borgenkaart van Theodorus Beckeringh

Het Groninger Museum besteedt nu (t/m 23 oktober 2016) extra aandacht aan deze kaart. Deze tentoonstelling gaat gepaard met een publicatie (vandaag 1 juli 2016 gepubliceerd) waarin de hele totstandkoming van de kaart met voorstudies (vanaf 1767) uit de doeken wordt gedaan.

Titel: De Atlas van Beckeringh: het Groninger landschap in de 18de eeuw, onder redactie van Martin Hillenga, Reinder Reinders en Auke van der Woud. Groningen/Zwolle, 2016. Introductieprijs € 39,95; na 25 september € 49,95.

De borgen die heden ten dage nog bestaan en op de kaart zijn afgebeeld, zijn de Rensumaborg in Uithuizermeeden, de Menkemaborg in Uithuizen,  de Fraeylemaborg in Slochteren en de Borg Verhildersum in Leens.

Zie ook Groninger Museum.

And the winner is…uitslag René Pechère Prijs

DE LITERAIRE RENE PECHERE PRIJS IS GEËINDIGD MET TWEE WINNAARS (ex aequo):

Rene Pechereprijs uitreiking

Anne Mieke Backer (midden) en Mariette Kamphuis (rechts) krijgen de prijs (lauriertak in groen brons) uitgereikt (25 juni 2016)

De titels zijn:

Cover-web-Copijn

Copijn (1763-2013) Tweehonderdvijftig jaar tuinlieden, boomkwekers, boomverzorgers, tuin- en landschapsarchitecten. Auteur Mariette Kamphuis. Rotterdam, Uitgeverij De Hef, 2015

en

9789462081505_dijken_van_nederland_lola_landscape_architects_500

Dijken van Nederland. Auteurs Eric-Jan Pleijster en Cees van der Veeken (LOLA Landscape Architects). Rotterdam, Uitgeverij nai010, 2014, herdruk 2015.

Oldenburger Binnenstad en Buitenleven feliciteert de auteurs Mariette Kamphuis, Eric-Jan Pleijster en Cees van der Veeken en hun uitgevers De Hef en nai010 met dit prachtige resultaat.

Wij zijn verheugd dat we aan het eerste boek over het geslacht Copijn ook ons steentje hebben mogen bijdragen.

Zie ook ons bericht van 22 juni.

Bibliografie VNK 2016 gepubliceerd

voorkant-bibliografie-300x212De Vereniging van Nederlandse Kunsthistorici (VNK) heeft haar Bibliografie 2016 (over 2011-2015) gepubliceerd.  klik hier.

In de bibliografie zijn publicaties te vinden over architectuur, stedenbouw en ruimtelijke ordening, tuin- en landschaparchitectuur, monumentenzorg en bouwhistorie door de eeuwen heen. Ook Cascade Bulletin heeft als naslagwerk gediend.
Heleen Kooijman heeft de VNK Bibliografie van 2016 samengesteld. Deze VNK-bibliografie laat de productiviteit zien van Nederlandse kunsthistorici (2011-2015) die werken met architectuur, stedenbouw en ruimtelijk ordening, tuin- en landschapsarchitectuur, monumentenzorg en bouwhistorie door de eeuwen heen. Gabri van Tussenbroek verzorgde de inleiding voor de bibliografie. Voor de uitreiking van de Karel van Manderprijs in november 2016 wordt de bibliografie als eerste leidraad gebruikt.

Het pryeel van Zeeland

238_354_6000_9789087045920.pcovr.vdBroekeMartin van den Broeke. ‘Het Pryeel van Zeeland’: Buitenplaatsen op Walcheren 1600-1820. Hilversum, 2016. Prijs € 49,=.

(overgenomen van de website van Uitgeverij Verloren): Buitenplaatsen bepaalden vroeger in sterke mate het landschap van Walcheren. Wat bewoog stedelingen in de zeventiende en achttiende eeuw om een deel van het jaar buiten de stad te gaan wonen? Een belangrijke reden was vermaak, maar welke rol speelde het economische aspect? En hoe toonden eigenaren van buitenplaatsen hun aanzien, macht en smaak? Martin van den Broeke laat zien dat al deze factoren in wisselende mate een rol speelden in het buitenleven en hoe dit door de eeuwen heen veranderde. Van den Broeke onderscheidt drie zones rond de steden waar verschillende typen buitenhuizen voorkomen. Nooit eerder zijn buitenplaatsen zo uitgebreid in hun landschappelijke en sociale omgeving beschreven. Dit boek geeft een rijk geschakeerd beeld van twee eeuwen buitenplaatscultuur in het ‘pryeel van Zeeland’, waarvan we de sporen nog zien in het landschap, in de archieven en op talrijke fraaie illustraties.

Verschijning na 30 juni, de dag dat Martin van den Broeke promoveert aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Huis te Vogelenzang

Prachtig nieuw boek over de geschiedenis van Huis te Vogelenzang en haar bewoners, de familie Barnaart.

Martin Bunnik. Huis te Vogelenzang en de familie Barnaart. Bloemendaal, 2016. 174 p. Rijk geïllustreerd. Prijs € 24,95.

Zocher 2

Als ik aan dit huis denk, denk ik altijd aan de eerste Zocher-vondsten die ik deed. Dat was in 1976-’77, toen ik een introductie had gekregen voor een bezoek aan de Heer Barnaart op Huis te  Vogelenzang. ik deed mee aan de totstandkoming van de tentoonstelling ‘Stadspark en Buitenplaats‘, in de Vleeshal te Haarlem (Frans Hals Museum). De tentoonstelling ging over de historie van buitenplaatsen en stadsparken in Zuid-Kennemerland. Dus de kunst was zoveel mogelijk originele tekeningen en schilderijen te verzamelen die dit onderwerp verduidelijkten. Oude kaarten en ontwerpen van de Zochers en van Leonard Springer waren in dit verband natuurlijk ook erg belangrijk. En zo kwam ik terecht bij de Heer Barnaart, die mij in de bedstee in de voorzaal van Huis te Vogelenzang mijn gang liet gaan. Voor het eerst van mijn leven stond ik oog in oog met concepten van Zocher sr. (o.a. van Woestduin). Ook vele andere ontwerpen en kaarten kwamen uit die bedstee tevoorschijn.

Zie verder de publicatie die ik toen schreef:

Carla S. Oldenburger, ‘Ontwikkeling van buitenplaatsen in Zuid-Kennemerland sinds circa 1700’ in: Wonen-TA/BK 1977, no. 9/10, p. 53-68, en in de Catalogus van de tentoonstelling “Stadspark en buitenplaats”, Frans Hals Museum (Vleeshal) Haarlem, 28 mei t/m 4 sept. 1977.

Huis Randenbroek en Park Randenbroek

Huize-Randenbroek_2_klein-960x500_c

Huis Randenbroek, het voormalige woonhuis van Jacob van Campen (architect van het stadhuis Amsterdam, later het zogenaamde Paleis op de Dam), is verkocht.

In 2010 deed ons bureau onderzoek naar de cultuurhistorie van dit park en gaf adviezen en richtlijnen voor beheer. Het rapport is digitaal te lezen via het depot van de Bibliotheek van Wageningen UR.

Wij hopen de nieuwe eigenaren met het digitaal aanbieden van dit rapport een plezier te doen.

Karel Zocher en Hoge Vest Hoorn

IMG_4311

Hierbij dan een scherpere foto van ‘Plan van aanleg voor een gedeelte der stads wal te Hoorn’. Originele schaal 1 tot 2500 cm.  Ondertekend ‘K.G. Zocher archit. Utrecht’ (coll. Westfries Archief).

Deze tekening van de Hoge Vest Hoorn moet van omstreeks 1840 dateren want in het Raadsbesluit van de gemeente Hoorn, d.d. 8 okt. 1840 wordt gesproken over dit plan. Het gaat om de stadswal tussen Wester- en Noorderpoort.

Karel Zocher had al veel ervaring opgedaan met ontwerpen en aanleggen van stadssingels, daar hij tussen 1829 en 1840 samen met zijn broer Jan Zocher aan de singels in Utrecht had gewerkt.

Zie hieronder het plan voor het gedeelte singel in Utrecht tussen de  bastions Manenburg en Zonnenburg (de huidige Sterrenwacht).

Beide plannen laten min of meer zelfde vormprincipes zien, delen heesterpartijen afgewisseld met aanplant van losse bomen, die op rijen zowel aan de parkkant als aan de buitenzijde van de singel aangeplant dienen te worden.

IMG_4307

Middeleeuwse tuinen

Unknown

Wat zijn de karakteristieke kenmerken van Middeleeuwse tuinen, een onderzoeksvraag die ons op dit moment bezig houdt. Maar waar hebben we het dan over, over boerderijtuinen of kasteeltuinen, over gasthuistuinen,  kloostertuinen of stadstuinen, alle types zullen  toch andere kenmerken hebben. Albertus Magnus beschreef al in de 13de eeuw hoe een kasteeltuin of lusthof er uitzag, met een bron / fontein, een grasveld, een muur rondom, een border langs de muur, een boomgaard buiten de tuin, een zodenbank om op te zitten, maar wat hij niet schreef was hoe groot die tuin eigenlijk was. Petrus Crescentiis nam zijn beschrijving over en voegde er aan toe: zo groot dat men er met een gezelschap in kan staan te converseren. Dat is dus eigenlijk helemaal niet zo groot, maar wel een weet en een bijzondere manier om een oppervlakte uit te drukken.