Vrouwen en tuinen

Het boek van Anne Mieke Backer   Er stond een vrouw in de tuin, de rol van de vrouw in het Nederlandse landschap. Rotterdam 2016,   staat sinds 30 december al op deze Berichten-reeks. Het zal 10 april verschijnen en 19 maart zal Anne Mieke daar tijdens de Cascade Ronde Tafel Conferentie ook nog eens een voordracht over houden.

IMG_4336En zoals het altijd gaat, als je eenmaal ergens opmerkzaam op bent gemaakt, zie je het overal.  Ik kwam nu 2 interessante tuinenboeken over vrouwen tegen en die titels ga ik nu mijn trouwe lezers hierbij doorgeven.

  • Kristina Taylor. women Garden Designers 1900 to the present. Garden Art Press, 2015. ISBN 978-1-870-67381-5

IMG_4337

  • Heidi Howcraft. .First ladies of Gardening. Francis Lincoln, 2015. ISBN 978-0-7112-3643-1.

 

 

 

 

 

Nieuw Boek: Tuingeschiedenis in Nederland II

TUINGESCHIEDENIS IN NEDERLAND II werd  gisteren tijdens het symposium aan de vier sprekers aangeboden.

Scan

Een schat aan nieuwe feiten, nieuwe kaarten en tekeningen verwerkt in nieuwe artikelen, hieronder genoemd.

Carla en Juliet bevelen iedereen dit mooie boek aan. Wij schreven zelf ook een artikel voor dit boek, zie de pagina’s 171-178.

Cascade bracht dit boek uit in eigen beheer, onder redactie van Arinda van der Does en Jan Holwerda.

Titel: Tuingeschiedenis in Nederland: Denken en doen in de Nederlandse tuinkunst 1500-2000.

Prijs € 25,=. ISBN 978-90-9029358-5. Te bestellen via de Cascade-website.

Inhoud
7-14 Tuinhistorisch onderzoek in Nederland. State of the art. Carla Oldenburger
15-24 Vestigingsfactoren voor een buitenplaats. Gerdy Verschuure-Stuip
25-34 Enterijen in Friesland. Philippus Breuker
35-43 Sparrentorens voor de stadsmuur van Amersfoort. Sandra den Dulk
44-52 De Overtuin van het Huis te Manpad 1640-1740. Willem Overmars en Trudi Woerdeman
53-62 De bruikbaarheid van een gravure van Stoopendaal voor de restauratie van de moestuin Zuylestein. Thea Dengerink
63-72 Jan Baptist Xavery en zijn gedocumenteerde tuinsculpturen op Zijdebalen. Dennis de Kool
73-84 Het Grand Canal van Renswoude in historisch perspectief. Patricia Debie
85-92 De familie Semler. Rita Mulder-Radetzky
93-103 Een uitgesproken Echobos in Muiderberg. Kees van Dam
104-114 Westerhout in Haarlem zes maanden werk voor Adriaan Snoek (1775-1776). Henk van der Eijk
115-122 Desertstukken van een Confiturier. Enige Nederlandse opinies over de Chinese stijl in tuingebouwen, 1800-1900. Wim Meulenkamp
123-130 Van architectuur tot tuinkunst. Lucia Albers
131-140 Toenmalige tuinen op Texel. Jan Holwerda
141-150 Stania State – ‘Een der schoonste buitenplaatsen’. Willemieke Ottens
151-160 Toelichting op een negentiende-eeuws ontwerp van H. de Vries & Zoon. Arinda van der Does
161-170 Noordelijke lustwarande. Els van der Laan-Meijer
171-178 Theorie en praktijk bij de firma Zocher: Het Kenaupark in Haarlem. Carla en Juliet Oldenburger
179-187 Een klasse apart. Lara Voerman
188-198 Weelderig groen voor de mijnstreek. Johanna G. Karssen-Schüürmann
199-206 Het historische watersysteem van Het Laar krijgt een tweede leven. Marcel Eekhout
207-214 Spirituele klanken in het bos. Eric Blok
215-222 Tulpenburgh, Gargafia aan de Amstel. Trudi Woerdeman en Willem Overmars
223-233 Balans van tuinhistorisch onderzoek. Een uitleiding. Yme Kuiper
234-239 Register van geografische namen
240-246 Register van persoonsnamen
247-250 Over de auteurs
251 Over Cascade

Cascade symposium zeer geslaagd

Afgelopen vrijdagmiddag, 19 februari, vond op Sonsbeek het Cascade Symposium plaats, met als thema ‘DENKEN EN DOEN: een toekomst voor het onderzoek naar de Nederlandse tuingeschiedenis’

DSC08225
V.l.n.r. Christian Bertram, Hans Renes, Johan Carel Bierens de Haan, Carla Oldenburger, Yme Kuiper, Jan Holwerda. Met dank aan de fotograaf Joost Gieskes.

Sprekers waren drs. Carla S. Oldenburger-Ebbers met ‘Onderzoekspaden verdiepen en verbreden: welke weg slaan we in?’; prof. dr. Hans Renes met ‘Tuingeschiedenis – een geografische agenda’; prof. dr. Yme B. Kuiper met ‘Vergezichten en veldwerk. Een balans van de tuingeschiedenis in Nederland’ en dr. Christian A.H.H. Bertram met ‘Tuinhistorisch onderzoek in Nederland: een korte update’. Dagvoorzitter was dr. Johan Carel Bierens de Haan.

Het is de bedoeling dat de bijdragen van deze sprekers (teksten en presentaties) tot een verslagje worden gebundeld, aan de aanwezigen worden toegestuurd en op de website van Cascade (cascade1987.nl) worden gezet . Wat een service.

Professioneel, gezelligheid alom, een reünie, een mooie locatie, een prachtig nieuw boek…dat waren welgemeende loftuitingen.

Dank aan de redactie van het nieuwe boek, Arinda van der Does en Jan Holwerda, en nogmaals aan Arinda als organisator van het symposium.

Titel: Tuingeschiedenis in Nederland II: Denken en doen in de Nederlandse tuinkunst 1500-2000. Eindredactie Arinda van der Does en Jan Holwerda.

Jan Zocher en begraafplaatsen

IMG_4324
Hendrik Spies (1775-1841), Begraafplaats Zutphen van J.D. Zocher jr. met houten poortgebouw, 1830 (coll. Stedelijk Museum Zutphen)

Tussen 1828 en 1830 ontwierp / adviseerde Jan Zocher jr.  verschillende gemeentes bij het aanleggen van een begraafplaats: Zutphen, Doesburg, (?), Haarlem, Heemstede, Utrecht. Alleen van de Utrechtse situatie bestaat een (latere) situatietekening incl. beplantingslijst. In verband met een advies wilden we er achterkomen of Zochers uitgangspunten voor begraafplaatsen nog zijn te achterhalen. Bij onderzoek stuit je dan op allerlei interessante vondsten, die weinig met de probleemstelling te maken hebben, maar wel interessant zijn voor een bericht op de website. Wat te denken van de tekening van Hendrik Spies hierboven?

IMG_4322
Rooms Katholieke Begraafplaats Leiden op bolwerk bij de Zijlpoort, 1840

Een tweede vondst was een kadasterkaart anno 1840 van de Rooms-Katholieke begraafplaats in Leiden. Zocher-begraafplaatsen hebben vaak een ronde of ovale kern, en zoals we leerden uit de literatuur hebben Rooms-Katholieke begraafplaatsen vaak een kruisvormige plattegrond. In Leiden is dit laatste beslist niet het geval. Waarschijnlijk begint dit verschijnsel wat later, zoals bijv. in Schiedam in 1851.

De Zochers waren overigens nooit betrokken bij de aanleg van een Rooms-Katholieke begraafplaats. Waarschijnlijk was hun (protestante) lutherse afkomst daar debet aan.

Karel Zocher en Hoge Vest Hoorn

IMG_4311

Hierbij dan een scherpere foto van ‘Plan van aanleg voor een gedeelte der stads wal te Hoorn’. Originele schaal 1 tot 2500 cm.  Ondertekend ‘K.G. Zocher archit. Utrecht’ (coll. Westfries Archief).

Deze tekening van de Hoge Vest Hoorn moet van omstreeks 1840 dateren want in het Raadsbesluit van de gemeente Hoorn, d.d. 8 okt. 1840 wordt gesproken over dit plan. Het gaat om de stadswal tussen Wester- en Noorderpoort.

Karel Zocher had al veel ervaring opgedaan met ontwerpen en aanleggen van stadssingels, daar hij tussen 1829 en 1840 samen met zijn broer Jan Zocher aan de singels in Utrecht had gewerkt.

Zie hieronder het plan voor het gedeelte singel in Utrecht tussen de  bastions Manenburg en Zonnenburg (de huidige Sterrenwacht).

Beide plannen laten min of meer zelfde vormprincipes zien, delen heesterpartijen afgewisseld met aanplant van losse bomen, die op rijen zowel aan de parkkant als aan de buitenzijde van de singel aangeplant dienen te worden.

IMG_4307

Cascade-methode

tumblr_nlibmbLJHE1u40x8so1_1280
René Magritte, La cascade (part. collectie)

In 1998 heeft Carla Oldenburger de Cascade-methode gelanceerd (gepubliceerd in het Jaarboek Monumentenzorg 1998) als korte beschrijving voor waardestelling van historisch groen. Nu staat de toekomst van het vakgebied “geschiedenis van de tuin- en landschapsarchitectuur” centraal, door Carla te presenteren op het Cascade-symposium 19 februari as. op Sonsbeek (zie www. cascade1987.nl).

De zogenaamde Cascademethode is, indien de treden van de watertrap alle  nauwgezet worden afgelopen en door het stromende water met elkaar in contact zijn gebracht (d.w.z indien de  uitkomsten van onderzoek zijn opgesteld en met elkaar in verband zijn gebracht), een tamelijk compacte methode, die een nauwkeurige waardestelling kan opleveren. Zoals de schilder Magritte het ook heel duidelijk in zijn schilderij  ‘La Cascade’ heeft aangegeven, kan een cascade een beeld in detail geven en tegelijkertijd in perspectief zetten (verduidelijken en vergelijken) en daardoor een grotere helderheid verschaffen.

Cascade-Symposium

IMG_4278

Hierbij geef ik graag de aankondiging door aan allen die geïnteresseerd zijn in de geschiedenis van de tuin- en landschapsarchitectuur.

Het bestuur van Stichting Tuinhistorisch Genootschap Cascade nodigt u graag uit voor het symposium:

DENKEN EN DOEN: Een toekomst voor het onderzoek naar de Nederlandse tuingeschiedenis

Dit symposium zal plaatsvinden op:

vrijdagmiddag 19 februari 2016 in Stadsvilla Sonsbeek in Arnhem van 13.00-17.30 uur. Het Cascade boek Tuingeschiedenis in Nederland II Denken en doen in de Nederlandse tuinkunst 1500-2000 zal tijdens dit symposium feestelijk worden aangeboden.

Sprekers zullen zijn:

  • drs. Carla S. Oldenburger-Ebbers met ‘Onderzoekspaden verdiepen en verbreden: welke weg slaan we in?’,
  • prof. dr. Hans Renes met ‘Tuingeschiedenis – een geografische agenda’,
  • prof. dr. Yme B. Kuiper met ‘Vergezichten en veldwerk. Een balans van de tuingeschiedenis in Nederland’
  • en dr. Christian A.H.H. Bertram.
  • Dagvoorzitter is: dr. Johan Carel Bierens de Haan.

Dit eerste Cascade-symposium zal een opmaat vormen voor de symposia die in de komende jaren zullen volgen. Onze vicevoorzitter Wim Meulenkamp zal een inleiding geven waarin hij uit de doeken doet welke bijdrage Cascade in de toekomst wil gaan leveren aan het stimuleren van het onderzoek naar de geschiedenis van de (Nederlandse) tuin- en landschapsarchitectuur.

Ook niet-donateurs van Cascade worden hierbij van harte uitgenodigd dit symposium bij te wonen.

Kosten € 20,- per persoon / niet-donateurs € 25,- / studenten € 15,-.

We hopen u op 19 februari welkom te mogen heten!
U kunt zich voor dit symposium opgeven via het aanmeldformulier op de Cascade-website, cascade1987.nl

Middeleeuwse tuinen

Unknown

Wat zijn de karakteristieke kenmerken van Middeleeuwse tuinen, een onderzoeksvraag die ons op dit moment bezig houdt. Maar waar hebben we het dan over, over boerderijtuinen of kasteeltuinen, over gasthuistuinen,  kloostertuinen of stadstuinen, alle types zullen  toch andere kenmerken hebben. Albertus Magnus beschreef al in de 13de eeuw hoe een kasteeltuin of lusthof er uitzag, met een bron / fontein, een grasveld, een muur rondom, een border langs de muur, een boomgaard buiten de tuin, een zodenbank om op te zitten, maar wat hij niet schreef was hoe groot die tuin eigenlijk was. Petrus Crescentiis nam zijn beschrijving over en voegde er aan toe: zo groot dat men er met een gezelschap in kan staan te converseren. Dat is dus eigenlijk helemaal niet zo groot, maar wel een weet en een bijzondere manier om een oppervlakte uit te drukken.

Eva bedekt door blad van Hollandse linde

5c813a7d-6929-75b5-2eb4-69ba56c543bc

Ons bericht van 30 dec. jl. over het boek ‘Er stond een vrouw in de tuin’, geschreven door Anne Mieke Backer en te koop vanaf 10 april as. in de boekwinkel, heeft nogal wat aandacht gekregen op social media en eigen email. Helaas vergat ik te vertellen over de herkomst van het omslag, dat wij afbeeldden in het vorige bericht. De oorsprong van de Eva op de omslag van het boek van A.M. Backer is te vinden op een dubbelportret (Adam en Eva) van Albrecht Dürer uit 1507, hierboven afgebeeld (voor en na de restauratie). Eva op de omslag van het boek van Backer is getooid met een blad van de Hollandse linde in plaats van het traditionele vijgenblad, omdat het boek uiteindelijk over de Nederlandse tuinhistorie gaat. Het boven afgebeelde schilderij bevindt zich in Museum Prado Madrid. Bewerking van het beeld: Inge Croes-Kwee, Manifesta Rotterdam.