Categoriearchief: Landschap

Is de ommuring rond de moestuin op buitenplaats Molenbosch (Zeist) ook een onderdeel van het ontwerp van Zocher jr.?

Dit is een reactie op een vraag van Anne Wolff/Platform Historische Moestuinen: Wie kent Nederlandse uitzonderingen op de vorm van moestuinen die doorgaans rechthoekig zijn. Zij noemde daarbij zelf Het Molenbosch te Zeist en dat bracht mij er toe deze vraag uit te werken en in Zocher-perspectief te plaatsen.

Kaart 1. Situatiekaart van buitenplaats Molenbosch vervaardigd door Rijksdienst Monumentenzorg (RCE), 1999. Noorden boven. De min of meer ovale moestuin ligt in het noordwesten van de plaats.
Kaart 2. Kaartbeeld van buitenpaats Molenbosch met aangegeven de bestaande en de verdwenen gebouwwen. Noorden boven. Moestuin in noordwesthoek. Bron: genealogybos.com

De buitenplaats Molenbosch is gelegen tussen Zeist en Driebergen, aan de noordkant van de Driebergseweg. De bankier Johannes Bernardus Stoop (1781-1856) kocht in 1835 een bos met dennen en hakhout van de weduwe Margaretha van Oosthuyse en liet hier vanaf 1837 eerst een landschappelijk park met slingerende waterpartij aanleggen, voordat hij in 1849 daar een huis liet bouwen. Zowel de aanleg als het huis werden ontworpen door de tuinarchitect J.D.Zocher jr.

In het boek van P.J. Lutgers en W.J. Hofdijk Gezichten in de omstreken van Utrecht (1869) wordt over Het Molenbosch vermeld: Mede aan den Straatweg, dankt zijn schoone aanleg weder aan het talent des Heeren Zocher, op last van den Heer J.B. Stoop, wiens erven het nog in eigendom bezitten”. De dochter van Stoop, Anna Aleida Stoop (1812-1885) trouwde in 1841 met Arnold Johan de Beaufort (1797-1866). Zij waren de volgende eigenaars van de buitenplaats. Arnold Johan de Beaufort verhuurde het huis vanaf 1858 voor 2 x 4 jaar aan de Heer John Melvil te Amsterdam.

Bij de huur hoorde toen ook de moestuin. In het huurcontract tussen Arnoud Jan de Beaufort en Johan Melvil (1858) staat vermeld: “Alle mogelijke kosten van onderhoud zowel het dagelijkse van daghuur of arbeidsloon als hetgeen van tijd tot tijd moet plaats hebben tot onderhoud van de gebouwen broeijerij hekken en rasteringen is voor rekening en koste van den verhuurder, als ook mede van den moestuinaanleg van broeijerij met alleswat daaronder tot onderhoud wordt begrepen.  Blijven alle producten van groente boomvruchten enz zoowel van den kouden grond als in de kasten en de broeierij voor den huurder. Het hakhout en opgaand boomgewas alsmede het grasgewas van het gazon is hier niet onder begrepen en blijft voor den verhuurder. (Noot 1). Over de ommuring van de moestuin wordt niet gerept, alleen over ‘broeijerij, hekken en rasteringen’. Mogelijk dat de moestuinmuur pas in een later stadium is gebouwd.

Wat kunnen oude kaarten ons vertellen over de geschiedenis van de aanleg van de moestuin en speciaal over het ontstaan van de moestuin, die niet zoals gebruikelijk rechthoekig, maar eerder amorf van vorm is te noemen. Zie kaart 4.

Kaart 3.. Topografische Militaire Kaart, 1850. Buitenplaats Molenbosch ligt in de rechthoek met het woord Schoonoord. Ten noorden van de toegangslaan is bos en geen open grasbaan en ten oosten van het huis geen slingervijver

De oudste topografische kaart die ons informatie kan verschaffen is het kadastrale minuutplan van de gemeente Zeist, getekend tussen 1811 en 1832. Op deze kaart is helemaal nog geen sprake van een parkaanleg op Molenbosch. Het enige wat van deze kaart valt af te lezen, is de ruitvormige vorm van het eigendom en de naam van de eigenaar P.J. Oosthuyse. Op de eerste Topografische Militaire Kaart van Nederland (kaart 3, TMK, ca. 1850) is wel een bosaanleg met enkele paden te onderscheiden, maar nog geen moestuin en slechts een minieme slingervijver in de zuidoosthoek van de plaats.

Na 1850 is de situatie veranderd en dat is te zien op de TMK van 1873. In de noordwesthoek van de plaats is een grote moestuin te onderscheiden (de rode lijn geeft een ommuring aan), die tussen 1932 en 1962 is getransformeerd tot volkstuincomplex. De topografische kaarten geven aan dat de moestuin nooit rechthoekig van vorm is geweest. De groentebedden waren oorspronkelijk niet rechthoekig van vorm maar langs golvende lijnen aangelegd, passend bij de landschapsstijl. Dit is nog te zien op de topografische kaart van 1873 (kaart 4).

Kaart 4. Topografische Militaire Kaart / Bonnebladen. Buitenplaats Molenbosch, detail 1873. In het noordwesten rood omlijnd de moestuin. Deze is ingedeeld in golvende perken. Ten zuidwesten van de moestuin een boomgaard. Ten zuiden van de moestuin en aan de noordzijde van de toegangslaan v.l.n.r. de paardenstal, het koetshuis en de tuinmanswoning. Tussen de toegangslaan en de Driebergseweg een oranjerie uit 1873.. Achter het huis een open grasbaan en ten oosten van het huis een slingervijver in open terrein

De ommuring van de tuin roept vragen op. Op de Topografische Militaire Kaart uit 1873 is de moestuin dik rood omlijnd. Dit zou kunnen betekenen dat de tuin in 1873 of in de periode dat de kaart werd ingemeten, werd ommuurd. Of is de rode lijn met de hand toegevoegd omdat men het plan had een muur rond de moestuin te bouwen? Ook de oranjerie werd in 1873 (helaas in 1962 afgebroken), toen Anna Aleida Molenbosch bewoonde, gebouwd (Noot 2.), dus in dat jaar is zeker sprake van grote bouw-activiteiten. Het is dus mogelijk dat de tegenwoordige moestuinmuur uit ongeveer 1873 dateert.

Foto (2023) Moestuinmuur Molenbosch, gezien vanuit de boomgaarden.. Duidelijk is dat de steunberen aan de buitenkant staan, dat de muur gepleisterd is en dat de muur qua vorm enigszins gebogen is. Foto Karen Veenland

Op de kaart van 1932 (kaart 5) is de rode lijn verdwenen en veranderd in een omgrenzing van bomen, zowel om de moestuin als om de twee boomgaarden ten zuidwesten van de moestuin. Op de Topografische Kaart van 1962 (kaart 6) is de rode lijn rondom de moestuin weer terug, waaruit we kunnen concluderen dat in dat jaar in ieder geval sprake is van een ommuring, die waarschijnlijk tot heden stand heeft gehouden. Direct ten zuidwesten van de moestuin ligt dan een groentenkelder, die tegenwoordig dienst doet als vleermuizen- onderkomen. Het padenstelsel in de buurt van de moestuin is sterk verveelvoudigd. Dit heeft te maken de flatgebouwen, die in de jaren vijftig op grond van Molenbosch gebouwd zijn langs de Arnhemse Bovenweg.De bewoners maken natuurlijk graag een wandeling op Molenbosch.

Kaart 5. Topografische Militaire Kaart / Bonnebladen. Buitenplaats Molenbosch, detail 1932. De omgrenzing van de moestuin is niet meer rood aangegeven. Het lijkt alsof de moestuin nu rondom beplant is met bomen. De golvende perken zijn verdwenen. De boomgaard is uitgebreid en het open zicht naar het noorden en oosten is met elkaar verbonden. De bomen direct ten oosten van het huis zijn verdwenen en aan de overkant van de vijver is een nieuwe clump bomen gepoot
Kaart 6.Topografische Kaart Nederland, 1:25.000. Detail Molenbosch, 1962. De moestuin is nu weer rood omlijnd; dit geeft een stenen ommuring aan. De boomgaard is gehalveerd. Op de vrijgekomen plaats is een groentekelder gebouwd. Het padenstelsel is sterk verveelvoudigd en de toegangslaan half verhard. Op het terrein langs de Arnhemse Bovenweg zijn flatgebouwen verschenen

Verder wordt de plaats gekarakteriseerd door grote solitairen voor het huis, onder meer een Japanse Notenboom, een moerascypres en een tulpenboom. Wanneer die zijn geplant is onduidelijk.

Op het terrein ten westen van het huis bevinden zich enkele interessante bijgebouwen, namelijk een koetshuis (1855, niet door Zocher gebouwd), een paardenstal en een gepleisterde tuinmanswoning (1840, Architect Zocher jr.); ten noorden van het huis een kippenpaleis (1898) en ten oosten van het huis een houten tuinprieel. Tussen 1989 en 1991 is door de huidige bewoners een kleine privé-kapel gebouwd naar een voorbeeld uit het modellenboek Magazijn van Tuinsieraaden (1802-1809), geschreven door Gijsbert van Laar.

Noot 1. Familiearchief De Beaufort, toegang 53, inv. nr. 1764, artikel vier. Met vriendelijke dank aan Karen Veenland.

Noot 2. Pierre Rhoen. ‘De uitzichten zeer mooi en het huis solide’: het landhuis Molenbosch van J.D. Zocher jr. (1791-1870) exact gedateerd. Oud-Utrecht (2002)7, p. 182-186.

Artikelen over de eerste foto van de Bond van Nederlandse Tuinarchitectuur / BNT en over de eerste Nederlandse tuinarchitecten

Artikelen uit de jaren tachtig van de twintigste eeuw, over de Bond van Nederlandse Tuinarchitectuur en de eerste Nederlandse tuinarchitecten, geschreven door Carla S. Oldenburger-Ebbers, destijds conservator van de Bibliotheek van de Landbouwuniversiteit (nu WUR), en gepubliceerd in het tijdschrift GROEN, zijn in verband met het 100-jarig bestaan van de BNT nu opgenomen in de digitale catalogus van de WUR. Klik op de titelwoorden( in het groen) en u wordt doorgeleid naar het artikel op Internet.

Tuin Rhenen Op De Schop 3

(292) De laatste dagen nog wat puntjes op de i gezet in de nieuwe tuin (zie Tuin Rhenen Op De Schop 1 en 2, resp. 23 en 24 mei jl.). Dat hield in een klimopscherm verankeren, een hulstbosje en een krentenboompje snoeien, en vooral de nog zwarte aarde met Vinca major beplanten. Het enige dat nu nog moet gebeuren, is het bramenbos langs de Levendaalseweg verwijderen (hopelijk zal de eigenaar het Utrechts Landschap dat gaan doen, zodat er geen bramen als onkruid meer te verwachten zijn in de nieuwe tuin.

De volgende foto’s tonen de nu nog maagdelijke tuin. Als de border in volle wasdom is gekomen en de heesters wat opgeschoten zijn, volgen nieuwe foto’s. Nu spreken de hieronder geplaatst foto’s voor zich zelf. De plantenlijst is gegeven in “Tuin Rhenen Op De Schop nr. 2”. Zie terug 24 mei jl.

Zicht op de tuin vanaf het terras, in oostelijke richting. Foto Carla Oldenburger
Zicht op de tuin vanaf het terras, in westelijke richting. Foto Carla Oldenburger

Tuin Rhenen Op De Schop DAG 2

(290) Onder: Houtsnipper-werkpad langs de nieuw ingeplante border. Het perk links van Bart wordt een heester- en bomenperk (nu Ilex, lijsterbes en krentenboompje te zien), met een bodembedekking van Vinca major. Daarvoor langs het terras een brede gemengde border (kleuren wit, blauw, paars, rose en rood).

Bart van Fa. Van Ginkel komt alle eer toe. Hij loopt nu op het werkpad, tussen het heesterperk en de border. Foto Bud Dulon Barre

Links van Venus (op de onderste foto) is een zithoekje gemaakt voor lunchen, koffie, lezen en mijmeren in de schaduw. Het terras ligt namelijk op het zuid-oosten (vooraan op de foto) en is flink heet in de zomer. Aan het terras grenst een flinke brede border. Op Dag 3 zal het brede middenperk met Vinca major worden beplant en het klimopscherm zal worden vastgezet. Hieronder volgt de lijst vaste planten die vandaag zijn geplant.

Houtsnipperpaadjes zijn bedoeld als werkpaadjes. De volgroeide planten zullen de scherpe randen verzachten. Foto Carla Oldenburger

Borderplanten Rhenen Van Abcoudehof 25; Ingeplant 24 -05-2022.

Tuin omgeven door Bos op Laarschenberg- Grebbeberg. Gemengd Eiken- beukenbos. Overgang van terras (zon) naar het bos (schaduw).

Ontwerp Bart Kelderman en Carla Oldenburger

Van Ginkel Veenendaal B.V.- Koninklijke Ginkel Groep

Blauw / Paars:

Campanula cochleariifolia, 20 cm. 

Eryngium bourgatii, 30-40 cm.

Veronica austriaca ‘Royal Blue’, 30-40 cm.

Nepeta faassenii ‘Walker’s Low’, 40 cm.

Jasione laevis ‘Blaulicht’, 40 cm.

Salvia nemerosa ‘Ostfriesland’, 50 cm.

Veronica spicata, 50 cm.

Aquilegia vulgarism ‘Blue Barlow’, 60 cm.

Aster frikartii ‘Jungfrau’, 60 cm.

Kniphofia ‘Royal Castle’, 80 cm.

Molinia caerulea ‘Edith Dudszus’, 80-90 cm.

Phlox paniculata ‘Blue Paradise’, 100 cm.

Campanula lactiflora ‘Prichard’s Variety’, 100-140 cm.

Delphinium ‘King Arthur’, 120-180 cm.

Vinca major als bodembedekker, 50 cm.

Rose:

Scabiosa columbaria ‘Pink Mist’, 30 cm.

Stachys byzantina, 40 cm.

Sedum ‘Xenox’, 50-60 cm.

Anemone tomentosa ‘Robustissima’, 100-120 cm.

Veronicastrum virginicum ‘Roseum’, 120 cm.

Digitalis purpurea ‘Gloxinuaeflora’, 140 cm.

Wit:

Pennisetum alopecuroides ‘Littke Bunny’, 25 cm.

Helleborus ‘Mont Blanc Niger’, 30 cm.

Actaea ramosa ‘Brunette’, 90-120 cm. 

Rood / Oranje:

Astrantia major ‘Claret’, 50-70 cm.

Persicaria amplexicaulis ‘J.S.Caliente’, 60-80 cm.

Papaver orientale ‘Patty’s Plum’, 60-80 cm.

Echinacea ‘Summer Cloud’, 70 cm.

Helenium ‘Moerheim Beauty’, 80 cm.

Salvia microphylla ‘Hot Lips’, 90-100 cm.

Crocosmia ‘Lucifer’, 120-150 cm.

Struiken / Boompjes/Klimmers: 

Hydrangea macrophylla ‘Endless Summer’ of ‘Bailmer’. Lichtblauw-rose (ligt aan de grond). 90-150 cm.

Rhododendron ‘Catawbiense Grandiflorum’, 200 cm. Rose

Amelanchier lamarckii, 250 cm. 

Hedera hibernica, klimmer tegen scherm.

Campsis radicans, klimmer tegen huis.

(Ilex aquifolium, opschot, stond er al)

(Sorbus, Lijsterbes, opschot, stond er al)

(Rhododendron, Hydrangea en Appel zijn voorlopig in de strook van de buren blijven staan).

Tuin Rhenen Op De Schop DAG I

(289) Plaatjes zeggen genoeg. Dag 1 is de dag van spitten, schonen, egaliseren, composteren, uitzetten en daarna vooral rustig wachten op de dag van morgen en hopen dat het gaat regenen. Morgen boomschors op de bospaadjes, vaste planten en wat bijsnoeien.

23 mei, 7 uur ’s morgens. Tuinaarde wordt gebracht. Foto Carla Oldenburger
Spitten en egaliseren. Foto Carla Oldenburger
Tuinaarde vermengd met compost is uitgestrooid. Foto Carla Oldenburger

Oldenburgers Tuin op de Laarschenberg Rhenen

(288) Onze tuin op de Laarschenberg gaat morgen (23 mei 2022) op de schop. We zullen op deze plaats daar kort verslag van doen.

Om te beginnen, waar ligt de tuin (locatie), beter gezegd het tuintje, hoe ziet de tuin er nu uit en waarom gaat hij op de schop? De locatie is in Rhenen, daar waar de Levendaalseweg overgaat in het bos van de Laarschenberg, eigendom van Het Utrechts Landschap.

Het begin van de beukenlaan, een fietspad genaamd Levendaalseweg, dat loopt over de Laarschenberg. Links hiervan ligt onze tuin. Foto Carla Oldenburger
Oldenburgers Tuin AnnoNu, overgaand in het bos van de Laarschenberg. Op het witte bord is te lezen dat de wandelaars en fietsers het bos van de Laarschenberg betreden en dat de eigenaar van het bos Het Utrechts Landschap is. Foto Carla Oldenburger

We maken een korte wandeling langs Oldenburgers Tuin over het bospad, genaamd de Levendaalseweg, en vervolgens nemen we het eerste bospad links. We krijgen dan een uitzicht richting de Gelderse Vallei en het dorpje Achterberg. Als we vervolgens hier tussen de korenvelden door rechtsom achter het groene hout ombuigen, leidt een weggetje ons langzaam weer terug naar de weg naar kasteel Levendaal, een buitenplaats die vroeger evenals het buiten Heimerstein was gelegen aan de voet van de Grebbeberg.

Korenvelden en bos op de Laarschenberg. Zicht richting Achterberg en Gelderse Vallei. Foto Carla Oldenburger

Waarom gaat de tuin op de schop? Omdat ik de wildgroei niet meer kan bijhouden. De struiken worden te hoog, zodat mijn uitzicht op het bos wordt belemmerd. Het gras wordt vervangen door een bodembedekker. Mijn uitgangspunt is altijd geweest dat de tuin een geleidelijke overgang moet zijn tussen ons terras (cultuur) en het bos (natuur). Op het terras wil ik genieten van een bloemetje en die bloemen moeten wel passen in het bos. Dat uitgangspunt blijft, maar de wilde planten zullen wel gedeeltelijk door lage bloemheesters vervangen worden om langere tijd van een kleurige uitstraling te kunnen genieten.

We zullen zien of mijn idee ‘overgang van cultuur naar natuur’ behouden kan blijven.

Zocher en de Oude Plantage in Rotterdam

J.D. Zocher, 1853. (gesigneerd en gedateerd). Ontwerp voor Villapark aan de Oude Plantage te Rotterdam. Coll. Stadsarchief Rotterdam

(287) Hierboven een ontwerp van J. D. Zocher jr. voor een villapark aan de Oude Plantage te Rotterdam. Hoewel het ontwerp bekend is onder de namen van J.D. en L.P. Zocher en ik ook altijd aanneem dat vader en zoon vanaf 1850 samenwerken, is de ondertekening deze keer toch alleen van Jan Zocher en is het jaartal 1853, hoewel alle bronnen het jaartal 1856 vermelden.

Op dit ontwerp is heel duidelijk sprake van een afwisselende wandeling langs een slingerende beek, langs heesterpartijen en open graspartijen. De Oude Plantage zelf maakte deel uit van een grotere groenaanleg, via de singels rond het oude Rotterdam tot aan Het Park aan de Westzeedijk. Nu neemt de aanleg niet meer ruimte in beslag dan een groene driehoek aan de buitenzijde van de Hoge Zeedijk van de Nieuwe Maas. Een deel van het voormalige park is tegenwoordig veranderd in een woonwijk. 

De Plantage dateert uit 1769 en bestond uit een formeel aangelegd park met rechte lanen. Het park was het eerste openbare park in Rotterdam en heette toen overigens Nieuwe Plantage. Als ontwerper wordt een zekere Zuidewijck genoemd. Het park werd echter door de Rotterdammers matig bezocht. 

Halverwege de 19de eeuw was het park, dat intussen wel was gemoderniseerd in vroege landschapsstijl, ernstig verwaarloosd. Omdat de Zochers een Nieuwe Plantage hadden aangelegd tussen de Oostzeedijk en de Oudedijk, was er vanaf dat moment sprake van een Oude Plantage (dit park langs de Nieuwe Maas) en een Nieuwe Plantage. De verwaarlozing zou misschien ten goede kunnen keren door er een villawijk aan te leggen en de Zochers kwamen toen met dit ontwerp. De as van het park werd gevormd door een natuurlijke beekpartij in de vorm van (zoals ik dat altijd noem) een uitgerekte ‘W’ en een uitgerekte ‘M’. De villa’s zouden volgens het plan van de Zochers alle schuin tegenover elkaar, aan beide zijden van de beekpartij, gebouwd gaan worden en ze hadden alle ook uitzicht op de beekpartij. De villa’s zijn er echter nooit gekomen. 

In 1897 werd het park door de gemeentelijke tuinarchitect D.G. Vervooren veranderd in late landschapsstijl, terwijl hier en daar de oude lanen herkenbaar bleven. Er werd een theeschenkerij ingericht en het parkbezoek nam toe. Tijdens de hongerwinter werden de bomen in het park echter door de Rotterdammers massaal gekapt en als brandhout opgestookt. Tijdens de Wederopbouw had de gemeente geen aandacht voor het park. Het theehuis raakte in verval en de jeugd kon zijn gang gaan in het verwilderde bos. Pas vanaf 1964 is men het terrein weer gaan inplanten met heesters en bomen. Moderne open zonne-weiden en een populieren-rond karakteriseren nu de plaats.

(gedeeltelijk overgenomen van https://natuurcentrum-rotterdam.nl/NATUUR/=NATUURGEBIEDEN/=PARKEN/=PARKEN%20ROTTERDAM/OUDE%20PLANTAGE.htm)

.

Mei-vakantie in Italië en Amsterdam

(284) Wij zijn met vakantie, maar willen onze trouwe lezers ook wel laten mee genieten met enkele mooie en interessante natuur en kunst die we zoal tegenkomen. Juliet reist in Italië (foto’s Paestum en Villa Oplontis) en Carla zit op het werkadres in Amsterdam (foto’s Rijksmuseumtuin en Tulpen ‘Museum’) Enige foto’s zeggen meer dan woorden.

Zie ook het al eerdere geplaatste Bericht op 28 april, https://www.oldenburgers.nl/2022/04/28/tuin-van-de-hesperiden-in-de-villa-poppaea-villa-oplontis/

Juliet in Paestum. Foto Walther Schoonenberg
Villa Oplontis in Oplontis. Pauw in aviarium. Foto Walther Schoonenberg
Villa Oplontis in Oplontis. Foto Walther Schoonenberg
Tulpen voor de deur van het Tulpen ‘Museum’ op de Prinsengracht te Amsterdam. Foto Carla Oldenburger
Deeltuin Rijksmuseum. Voorzijde links. Foto Carla Oldenburger
Detail voorgaande foto

Voortgang Belvedère Groenendaal Heemstede

(279) Er begint eindelijk schot te komen in de bouw van de Belvedère In Groenendaal / Heemstede. Een video geeft een impressie weer van wat het architectenbureau KPG voor ogen heeft. De beplanting is hierop nog niet uitgewerkt.

Belvedère in het Groenendaalse Bos. Artist’s Impression. KPG Architecten

VIDEO: https://www.heemstede.nl/over-de-gemeente/projecten/bouw-belvedere-groenendaal.

Haarlems Dagblad 16 april 2022

Op 4 april 2019 is het projectplan Belvedère in de Raadscommissie Ruimte van de gemeente Heemstede besproken. In januari 2020 heeft het college het winnende ontwerp van de uitgeschreven prijsvraag bekend gemaakt. Het winnende ontwerp is De Wandeling van KPG Architecten en ons eigen bureau Binnenstad en Buitenleven. Op 22 juni 2021 informeerde het college dat de gemeente en de schenker van de financiën akkoord zijn gegaan met het winnende ontwerp. Het bestemmingsplan ligt nu in april ter besluitvorming bij de Gemeenteraad. Tijdens de bestemmingsplanprocedure is het voorlopige ontwerp uitgewerkt tot een definitief ontwerp waar de schenker, de architect en de gemeente zich in konden vinden. Zodra het bestemmingsplan is vastgesteld en de beroepstermijn is verstreken, kan de vergunningsaanvraag voor de bouwactiviteiten worden ingediend.

Zie ons eerdere bericht alweer uit 2019: https://www.oldenburgers.nl/2019/07/25/herbouw-belvedere-groenendaal-heemstede/

Belvedère Groenendaal Heemstede in vroeger tijden. Architect John Th. Hitchcoc

Het gebouwtje was ontworpen door de Nederlandse architect John Thomas Hitchcock (1812-1844), in opdracht van eigenaar Henry Philip Hope (1812-1839). De bouw dateert van 1838/1839.

Laten we hopen dat het nieuwe gebouwtje een mooie toekomst tegemoet gaat en de oorspronkelijke sfeer van het oude gebouwtje weer kan oproepen, ook al wordt het niet een exacte kopie van de oude vroegere Belvedère.

Weekblad Heemsteder, 20-04-2022. Nagekomen Bericht

Landgoed De Wielewaal te Eindhoven meer dan 100 jaar Particulier Eigendom en straks een openbaar park?

Poort en toegangslaan tot Landgoed De Wielewaal. Foto gemeente Eindhoven

(273) Deze week (2de week februari 2022) is bekend geworden dat de gemeente Eindhoven het landgoed De Wielewaal (tot 2017 eigendom van Frits Philips) gaat kopen om de te verwachten uitbreiding van de stad ’te verzachten’ met een mooi openbaar park. Nu is het hek nog dicht, maar dat zal niet lang meer duren.

Op Google Earth is het landgoed duidelijk te onderscheiden. Het is gelegen in het noordwesten van de stad, in stadsdeel Strijp en in de buurt Wielewaal. Verscheidene lanen zien we op de luchtfoto lopen en ook in het zuidelijk deel een sterrenbos.

In 1850 was dit gebied nog heide. In de 2e helft van de 19e eeuw werd het bebost. In 1912 kocht Anton Philips, de vader van Frits Philips,  het dennenbos en hij liet dit bos, genaamd ‘Het Zwarte Huis. als landgoed inrichten, maar Anton heeft er nooit gewoond. Een deel van het landgoed, ten noorden van de Oirschotsedijk, werd in 1920 geschonken aan de bevolking en staat sindsdien bekend als het Philips de Jongh Wandelpark. Het gebied ten zuiden van deze dijk is landgoed De Wielewaal waar Frits Philips in 1934 een huis liet bouwen door de vrij onbekende architect Frans Stam.

Landhuis De Wielewaal afgebeeld in het tijdschrift ‘Het landhuis’, jrg 30, 1935, no 16 (28-08-1935)

Midden op de luchtfoto hieronder zien we het grote huis en vanuit dit huis loopt een ‘tapis vert‘ (een brede grasloper omgrenst door hoog bos) schuin zuidwaarts naar een ‘rotonde’, die het middelpunt vormt van een sterrenbos.

Het landgoed (met in eerste instantie een pinetum, een sterrenbos, een rockery en een doolhof), werd tussen 1912 en 1920 aangelegd naar ontwerp van de bekende tuinarchitect Dirk Frederik Tersteeg (1876-1942). Over de laatste is te lezen in het boek ‘Nederlandse Tuinarchitectuur tussen 1850 en 1940, waard om beschermd te worden‘ (1986), door Bonica Zijlstra.

Grootste deel van het landgoed op Google Earth. Middenin de woning. Vanuit de woning schuin naar beneden een gras-laan (tapis vertelt) naar een rotonde, die het centrum van het sterrenbos vormt. Hier vandaag lopen 7 lanen door het bos.

Op het landgoed groeien veel monumentale bomen en rododendrons; bovendien gedijen er veel paddenstoelen en bijzondere planten. De bomen zijn grotendeels geplant in opdracht van Anton Philips, in de eerste twee decennia van de 20e eeuw. Tersteeg werkte op De Wielewaal in gemengde parkstijl, waarbij rechte lanen en natuurlijke vormen elkaar versterken.

Dirk Frederik Tersteeg’s werk op De Wielewaal werd algemeen gewaardeerd in Nederland. Dit is bekend omdat de Bond van Nederlandse Tuinarchitecten (BNT) in 1940 een foto (onderstaand) van het park opnam in haar reizende Foto-tentoonstelling. Ook zijn in de Bibliotheek WUR enige ontwerpen van Tersteeg terug te vinden, namelijk ontwerpen voor het sterrenbos, de rockery en het doolhof.

Eindhoven Pinetum Het Zwarte Huis. D.F. Tersteeg, ontwerp 1917-1919. Foto uit BNT-Tentoonstelling 1940. Bibliotheek WUR / Speciale Collecties
Eindhoven. Ontwerp Sterrenbos Het Zwarte Huis. D. F. Tersteeg, 1920. Aan de Postdijk, Kromme sloot, Wemschedijk. Bibliotheek WUR / Speciale Collecties 
Eindhoven. Ontwerp Rockery bij Het Zwarte Huis.. D. F. Tersteeg (1917-1919). Bibliotheek WUR / Speciale Collectie 
Eindhoven. Ontwerp Doolhof bij Het Zwarte Huis. D. F. Tersteeg, 1917 . Doolhof nog aanwezig. hoewel aan restauratie toe.
Bibliotheek WUR / Speciale Collectie 

Of al deze tuinonderdelen nog aanwezig zijn, is mij niet bekend. Het zou in ieder geval zeer de moeite waard zijn nader onderzoek naar dit historische landgoedpark te doen, omdat er nooit een publicatie over is verschenen en het zeer interessant zou zijn dit park met andere grote parken en in het licht van de Nederlandse tuinhistorie te plaatsen en te vergelijken.