Categorie archief: Buitenplaatsen

ZEVENTIEN MARKANTE MONUMENTEN BEHOUDEN DOOR SUBSIDIE PROVINCIE UTRECHT

ZEVENTIEN MARKANTE MONUMENTEN BEHOUDEN DOOR SUBSIDIE PROVINCIE UTRECHT

21 februari 2017
De provincie Utrecht draagt vanuit de subsidieregeling Erfgoedparels 3,3 miljoen euro bij aan de restauratie van zeventien rijksmonumenten. Met behulp van deze bijdragen blijven deze markante monumenten behouden en wordt een aanzienlijke bijdrage geleverd aan het wegwerken van de restauratieachterstand.

De zeventien gehonoreerde projecten bestaan uit: zes historische buitenplaatsen, vijf kerken, twee scholen, een klooster, een museum, een begraafplaats en een onderdeel van een kerk (retabel).

De projecten zijn:

Landhuis de Horst (Utrechtse Heuvelrug, Driebergen),

Kasteel de Haar (Utrecht),

Oranjerie Nijenrode (Stichtse Vecht, Breukelen),

Kasteel Amerongen (Utrechtse Heuvelrug, Amerongen),

Buitenplaats Beerschoten-Willinkshof (Utrechtse Heuvelrug, Driebergen),

Muur buitenplaats Doornburgh (Stichtse Vecht, Maarssen),

Sint Jozefkerk Achterveld (Leusden),

Sint Bavokerk Harmelen (Woerden),

Augustinus Kerk (Utrecht),

Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopneming (Houten),

Dorpskerk Maarsbergen (Utrechtse Heuvelrug, Maarsbergen),

Oude School (Oudewater),

Koningin Wilhelminaschool (Utrecht),

Voormalig klooster Mariënhof (Amersfoort),

Museum Flehite (Amersfoort),

Begraafplaats Hogewal (Woerden),

Retabel in de Grote Kerk (Vianen).

We wensen alle uitverkorenen geluk met de restauraties. Wie weet kunnen we aan  de historische buitenplaatsen of aan het klooster en de begraafplaats nog onze bijdrage leveren.

Wie is de prinses van de Prinsessetuin in Wassenaar?

Wie is de prinses van de Prinsessetuin en waar is zij gebleven? We bestudeerden onlangs voor een onderzoekje en een lezing de geschiedenis van de Prinsessentuin in Wassenaar op landgoed De Paauw (terzijde van het Raadhuis van Wassenaar).  In het tempeltje stond tot voor kort een beeld van Victoria (of moet zij een engel voorstellen?), maar dit is niet het originele beeld wat daar halverwege de 19de eeuw werd geplaatst.

Victoria  met een lauwerkrans in de rechterhand en een palmtak in de andere, is pas na de renovatie van de tuin in de jaren vijftig (Hein Otto, 1951) op die plaats terecht gekomen. Momenteel is de tempel, wachtend op restauratie, dichtgetimmerd en de bijzonder gracieuse Victoria is door vandalen verruïneerd en zal waarschijnlijk niet meer in de tempel terugkeren. Het beeld is een zinken afgietsel van een oorspronkelijk marmeren beeld van Christian Daniel Rauch (ca. 1837), een zeer bekende Duitse beeldhouwer met een eigen museum in Arolsen. Het stond oorspronkelijk in het ‘Victoria-vak’, een deeltuin met oranjebomen en stamrozen, en later in de rododendrontuin.

Maar Victoria is niet de prinses naar wie de Prinsessetuin is genoemd. Oorspronkelijk hoort zij niet in het tempeltje thuis. Prins Frederik, de broer van de latere Koning Willem II, kocht in 1838 landgoed De Paauw en de aangrenzende buitenplaatsen Backershagen, Raaphorst, Ter Horst, en tenslotte Eikenhorst en Groot Hasenbroek. Hij was getrouwd met zijn nicht Prinses Louise van Pruisen en zelf opgevoed aan het Hof te Berlijn. Zij waren beiden erg gehecht aan de streek waar ze in hun jeugd verbleven, Berlin en Potsdam, met name Schloss Charlottenburg en Schloss Sanssouci. Aan de hoven van Berlin en Potsdam waren in hun tijd de architecten  K.F. Schinkel, L. Persius, F.A. Stüler en Hermann Wentzel zeer gezien en Frederik en Louise kozen voor de laatste om hun paradijs in Wassenaar aan te leggen. In 1851 lieten zij hem overkomen voor de inrichting van de tuin. Hij maakte schetsen voor de Paradiesgärtchen of Prinsessetuin, die in zijn Architectonisches Skizzenbuch van 1858 werden gepubliceerd. Dankzij deze ‘schetsen’ hebben we een goed idee van de sfeer van de tuin en welke tuinornamenten erin hebben gestaan. Behalve de tempel zijn ze alle verdwenen.

Een van deze schetsen (bovenstaand) stelt het tempeltje voor met een marmeren beeld van een  jonge vrouw. Het beeld,  weliswaar iets anders uitgevoerd dan op de schets van Wentzel (zie hieronder een foto uit Gemeentearchief Wassenaar ca. 1935), is niet behouden.

Bureau Wevers & Van Luipen deed nader onderzoek om de beeldhouwer en de betekenis van het beeld te achterhalen. Wie was deze vrouw in het tempeltje van De Paauw? Zij constateerden dat het beeld De Hoop (Spes) voorstelt, die meestal wordt afgebeeld met een bloem in haar hand, en dat het is gemaakt door de beeldhouwer Berthel Thorvaldsen, een Deens beeldhouwer die bevriend was met de architect Schinkel. Het werd oorspronkelijk vervaardigd voor het familiegraf van de Von Humboldts.

Beeld Spes van Berthel Thorvaldsen (Thorvaldsen Museum Kopenhagen)

Dit beeld, dat dus vanaf ca.1858 tot de Tweede Wereldoorlog in de Paradijstuin of Prinsessentuin heeft gestaan, roept de vraag op waarom het thema van De Hoop is gekozen. De tempel had een centrale plaats in de tuin en Frederik kon er vanuit zijn studeerkamer via het beukenlaantje van genieten. Stelde Spes soms in zijn gedachten Prinses Louise voor? Zijn hoop op het paradijs? Is ‘De Hoop’ de personificatie van Prinses Louise?

Vredesbrug van Slot Heemstede getekend door Jan David Zocher?

Slot Heemstede te Heemstede is gebouwd in de Middeleeuwen tussen 1280 en 1290 en daarna een aantal keren verwoest. In 1810 werd het slot, zoals zo vele in die tijd, afgebroken. De funderingen uit de middeleeuwen zijn nog altijd aanwezig. Adriaan Pauw liet omstreeks 1648, ter gelegenheid van de Vrede van Munster, waar hij zelf bij betrokken was, de ‘Pons Pacis’ of ‘Vredesbrug’ bouwen, evenals de hier in zeer vereenvoudigde vorm afgebeelde ‘Tecklenburgse Poort’.
nl-hlmnha_53003445Jan David Zocher, 1835. Vredesbrug en ruïne van Tecklenburgse Poort (de toegangspoort tot het kasteel). Aquarel en potlood (Noord-Hollands Archief, coll. Kennemerland)

Wie deze tekening heeft vervaardigd, Jan David of Louis Paul Zocher,  is onduidelijk. Het NH archief geeft als tekenaar L.P. Zocher (1820-1915) op en als jaartal 1835, maar als dit jaartal klopt, dan is het veel aannemelijker dat de tekening van zijn vaders hand is. Navraag bij het NH-Archief leverde op dat de gegevens van de naam L.P. Zocher en het jaartal 1835 op de achterzijde van de tekening staan vermeld. Ik ga er van uit dat er een vergissing in het spel is en dat de tekening van de hand van J.D. Zocher jr.  is, daar de eerst bekende tekening van zijn zoon L.P. Zocher pas van 1850 dateert en er wel tekeningen/projecten van vader Jan uit 1835 bekend zijn.

Op het hieronder afgebeelde schilderij van G. Berkheyde (1630-1695) staat het slot Heemstede afgebeeld ten tijde van Gerard Pauw, zoon van Adriaan Pauw. Hierop is de Tecklenburgse Poort nog in volle glorie te zien.

Kasteel Geldrop. Een edel verleden.

Eugène Franken, Bart Klomp en Saskia Minjon. Kasteel Geldrop. Een edel verleden. Utrecht (Uitgeverij Matrijs ism Stichting Kasteel geldrop), 2016. Prijs 24,95. ISBN 978-90-5345-518-0.

518grootBoekomslag

Hieronder volgt eerst de tekst over Kasteel en kasteelpark Geldrop uit de Gids voor de Nederlandse Tuin- en Landschapsarchitectuur (2000) en vervolgens de tekst overgenomen van de website van uitgever Matrijs:

(Gids…): “Aan de Kleine Dommel ligt het oorspronkelijk middeleeuwse kasteel Geldrop, omgeven door een landschappelijke aanleg uit ongeveer 1870, de ‘Engelse tuin’ genaamd. Bij het tot stand brengen van deze aanleg werd het westelijke deel van de slotgracht gedempt. Gazons en weiden met groepen loofbomen karakteriseren dit zeer gave parklandschap. Bijzondere bomen in het park zijn een mammoetboom, een oosterse plataan, een treurbeuk en een metasequioa. De eiken aan de randen van de Engelse tuin zijn de oudste bomen in het park. Ten westen van de Engelse tuin ligt een fraaie moestuin, ‘Baron z’n Hof’ genaamd, met een oude leimuur met leifruit, een oranjerie, kassen en broeibakken. In de kleine boomgaard met uitzicht op de rooms-katholieke kerk van Geldrop worden bijzondere, oude fruitrassen gekweekt, zoals kweepeer en mispel. Ook ligt er een kinderboerderij op de plaats waar in vroeger dagen de moestuin en het rosarium lagen. In het voorjaar vindt men er stinsenplanten zoals bosanemonen, sneeuwklokjes, wilde hyacinten en narcissen. Het kasteel met park is in 1974 door de gemeente aangekocht en in 1996 overgedragen aan de Stichting Kasteel Geldrop. In het kasteel is een oudheidkamer gevestigd en er worden tentoonstellingen van beeldende kunst georganiseerd. In de tuigkamer en de paardenstal is een natuurinformatiecentrum.”

Aanvullend: Vanaf 2010 is door tuinarchitectenbureau Bosch en Slabbers een beheerplan en een renovatie voorgesteld, vanaf 2012 in uitvoering genomen. Zie www.bosch-slabbers.nl en de plattegrond hieronder.

1028_lPlan Bosch en Slabbers, 2010.

(informatie uitgeverij Matrijs):

Sinds de veertiende eeuw ligt Kasteel Geldrop tussen het centrum van Geldrop en het beekje de Kleine Dommel. De vier muurankers op de gevel van het kasteel markeren 1616, het jaar van de wederopbouw van het kasteel, nadat het ruim honderd jaar eerder door de Geldersen was verwoest.

2016 was voor het bestuur van Stichting Kasteel Geldrop de aanleiding om het 400-jarig bestaan van het huidige kasteel te vieren met onder meer de uitgave van het boek Kasteel Geldrop. Een edel verleden. Een boek met verhalen over de geschiedenis van het kasteel en zijn voormalige bewoners, bezoekers en eigenaren. Uit brieven en nog niet eerder vertaalde dagboeken blijken interessante verbindingen tussen Kasteel Geldrop en roemruchte politici, kunstenaars en leden van de koninklijke familie. Zo komt u de schilder Rubens tegen in de beschrijving van het dagelijks leven van de gevluchte bisschop Ophovius, die in Kasteel Geldrop zijn zetel had na de inname van ’s-Hertogenbosch door stedendwinger Frederik Hendrik van Oranje. Ook over de markante bewoner Hubertus Paulus Hoevenaar is veel te vertellen. Als verarmd lid van een voorname familie maakte hij een avontuurlijke tocht naar de Oost. Met zijn technische kennis, zakelijk instinct en het lucratieve contract van koning Willem I op zak, maakte hij snel carrière en vergaarde hij zijn vermogen. Van hem heeft het kasteel zijn huidige vorm gekregen. Later trouwde dochter Arnaudina Hoevenaar met de burgemeester van Voorburg Henri van Tuyll van Serooskerken en hun nazaten bleven tot 1974 op het kasteel wonen. Van de laatste bewoners, personeelsleden en gasten zijn vele interviews afgenomen en verwerkt tot een beeldend verhaal over het leven op een voornaam huis met een edel verleden: Kasteel Geldrop.

VERSCHIJNT OP 1 DECEMBER 2016. Als u dit boek vóór 1 december bestelt, wordt uw bestelling als voorintekening beschouwd en krijgt u het direct na verschijning thuisgestuurd.

Haagse en Leidse buitenplaatsen, wie wat waar?

front_haagseleidsebuitenplaatsen_lr

Haagse en Leidse buitenplaatsen: over landelijke genoegens van adel en burgerij. Heemstede 2016. Auteur René Dessing. Vandaag eerste exemplaar aangeboden aan de Commissaris van de Koning van Zuid-Holland.

(tekst gedeeltelijk overgenomen van uitgever Kantoor Verschoor Bookmakers): Het boek behandelt de buitenplaatsen in de wijde omgeving van Den Haag en Leiden, die tussen de 17de en 20ste eeuw gesticht zijn door adel, kooplieden, ambtenaren en wetenschappers om er in de zomer te genieten van het buitenleven. René Dessing brengt deze rijke lustoorden van weleer opnieuw tot leven en nodigt de lezer uit ze vooral te bezoeken.

Het boek geeft een overzicht van circa veertig buitenplaatsen in Zuid-Holland, vooral in de driehoek Den Haag-Wassenaar-Leiden, maar ook langs de Vliet, in Warmond en de Bollenstreek. Samen bieden ze meeslepende verhalen over rijkdom, macht, architectuur- en tuingeschiedenis, maar ook over ziekte en dood, faillissementen en oorlogsgeweld.

Ook wordt informatie verstrekt over wat je op deze buitenplaatsen kunt zien en doen. Sommige zijn als museum toegankelijk, bij andere kun je prachtig wandelen en weer andere organiseren activiteiten, van natuur- en tuinexcursies tot concerten en cursussen voor kinderen. En op een flink aantal kun je trouwen en feesten.

232 blz., € 19,95, rijk geïllustreerd,
ISBN 978 90 8258 930 6
Te bestellen via bol.com en de uitgever.

Een bespreking zal volgen als ik het boek ontvangen en gelezen heb.

Studiemiddag: Omgaan met kastelen in oorlogstijd en erna

bronbeek

Ontvangen om door te geven:

De Nederlandse Kastelenstichting, Kenniscentrum voor Kasteel en Buitenplaats (NKS) nodigt u van harte uit voor een studiemiddag over ‘Omgaan met kastelen in oorlogstijd en erna:
bescherming, schade, herstel en herbestemming

Zaterdag 3 december | Landgoed Bronbeek Arnhem, Velperweg 147, 6824 MB Arnhem.

Dagvoorzitter: Janneke van Dijk (MA)

Op 3 december sluit de NKS het jubileumjaar af. De afgelopen twaalf maanden zijn vele initiatieven ontplooid om kastelen en buitenplaatsen onder de aandacht te brengen van onderzoekers, beheerders en eigenaren en het brede publiek. Aanleiding voor de oprichting van de NKS was het oorlogsgeweld van 1940-1945. We sluiten NKS 70-jaar daarom ook af met het thema Omgaan met kastelen in oorlogstijd en erna. Op de toepasselijke locatie Bronbeek in Arnhem bieden we u een breed overzicht van het werk van de NKS, door drie lezingen van jonge onderzoekers. Vervolgens schetsen we de ontwikkelingen van kastelen en buitenplaatsen vanaf 1940, waarbij herbestemming centraal staat. We sluiten de middag met een schets van hoe ons erfgoed nu beschermd is voor oorlogs- en ander geweld.

Programma
13.00-13.30 uur Ontvangst
Thee en koffie

13.30-14.30 uur Rondleiding
Onder begeleiding van een gids door Museum/Landgoed Bronbeek

14.30-15.30 uur Opening en Lezingen
Opening door mw. drs. ir. Heidi van Limburg Stirum, directeur NKS

De NKS biedt ieder jaar aan een aantal jonge onderzoekers de mogelijkheid om aspecten van kastelen en buitenplaatsen in het kader van hun studie nader te onderzoeken. We beginnen met drie lezingen over lopende of net afgesloten studies.

Renaud, redder in nood? Onderzoek naar Renauds bijdrage aan de archeologie van kastelen in Nederland door mw. Annabelle de Gast BA. Annabelle de Gast volgt momenteel de Research master Archaeology aan de Universiteit van Amsterdam. In het kader van haar studie heeft zij onderzocht in hoeverre prof. dr. J.G.N. Renaud, hoogleraar kastelenkunde, heeft bijgedragen aan het archeologisch onderzoek van kastelen.

Beleving van het erfgoed, door mw. Susan de Jong Msc
De termen ‘erfgoed’ en ‘beleving’ worden steeds vaker aan elkaar gekoppeld. Door erfgoed kan het publiek het verleden beleven, een persoonlijke band met de geschiedenis ervaren. Wat bedoelen we eigenljk met ‘beleving’? Wat betekent beleving voor het erfgoed, voor de waardering, behoud en beheer en de rol van monumenten in onze maatschappij? Susan de Jong studeerde Planologie aan de Universiteit van Wageningen.

Hugo Poortman, Tuinarchitect, door mw. Merel Spruit
Rond 1700 werden buitenplaatsen als een ‘Gesamtkunstwerk’ aangelegd. Huis, interieur en tuin werden als een geheel ontworpen. Ook in de negentiende eeuw is sprake van ontwerprelaties tussen interieur en tuinen op buitenplaatsen. Paste de tuinarchitect Hugo Poortvliet die uitgangspunten ook toe en zo ja, hoe zag dat er bij hem uit? Merel Spruit studeert Kunstgeschiedenis aan de Universiteit van Utrecht.

15.30-15.45 uur Pauze
Thee en koffie

15.45-17.00 uur Vervolg lezingen

Nieuwe functies voor kastelen en buitenplaatsen, . door dr. Fred Vogelzang. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden vele kastelen en buitenplaatsen gebruikt door de bezetter en later door de bevrijders. De gevolgen waren vaak zodanig, dat de eigenaren na 1945 hun bezit verkochten. Voor de zo vrijgekomen kastelen en buitenplaatsen werden nieuwe functies gezocht. Dat verschijnsel was niet nieuw, maar de schaal waarop het plaatsvond, was veel groter dan voorheen. In deze lezing wordt een overzicht gegeven van de herbestemmingen die ons monumentaal erfgoed de afgelopen 70 jaar heeft gekregen.

Erfgoed, oorlog en en natuurgeweld, door drs. Edwin Maes
Erfgoed, en zeker monumenten, zijn kwetsbaar. Dat wordt nergens zo duidelijk als tijdens oorlogen en natuurgeweld. Hoe zijn we daar in Nederland op voorbereid? Hoe gaan we in binnen- en buitenland om met erfgoed tijdens gewapende conflicten? Welke afspraken zijn daarover gemaakt? Een historische schets van de internationale bescherming van cultureel erfgoed en de opvallende rol die Nederland daarin speelt. Edwin Maes studeerde cultuurgeschiedenis in Utrecht. Hij is momenteel werkzaam als docent en onderzoeker bij de Sectie Cultuurhistorische Achtergronden & Informatie van de Koninklijke Landmacht en reserve-officier bij de Liaisongroep Cultureel Erfgoed binnen het Commando Landstrijdkrachten.

17.00-17.15 uur Afsluiting en uitreiking boek.
Afsluiting door mw. drs. ir. Heidi van Limburg Stirum

17.15-18.00 uur Borrel.
Napraten met een hapje en drankje.

Aanmelden
U kunt zich aanmelden tot uiterlijk 28 november via deze link.
De kosten voor de studiemiddag bedragen € 37,50 (voor studenten € 27,50). Het boek ‘Nieuwe functies voor kastelen en buitenplaatsen, Een eeuw herbestemming‘ is inbegrepen bij de prijs van de studiemiddag.
De bijdrage voor deze studiemiddag kunt u overmaken op rekening nummer IBAN NL24ABNA0470759267, ten name van de Nederlandse Kastelenstichting, te Wijk bij Duurstede, onder vermelding van ‘Studiemiddag Bronbeek’.

Kasteel Levendaal en een oude dikke linde

Jl. vrijdag, 28 october, werd het prachtige boek ‘Het groene goud: 50 jaar boomverzorging in Nederland’ uitgereikt, geschreven door Jorn en Lia Copijn en Marina Lamsris.  Zie ons bericht van 7 october 2016.

Ter ere van de boekuitreiking werden die middag in een grote witte tent en onder de beroemde dikke linde van Kasteel Levendaal alle genodigden getrakteerd op een prachtig verhaal van Jorn, gepaard gaande met korte toespraken van anderen en een glaasje en andere heerlijkheden nadien.

img_0993Jorn en Lia Copijn temidden van kinderen en kleinkinderen bij de “1000-jarige” linde op Levendaal

De oude dikke linde langs de Levendaalselaan in Rhenen is zowel voor Jorn en Lia Copijn als voor het vak boomverzorging een belangrijke boom. Hier hebben Jorn en Lia elkaar ontmoet en sloeg de vonk over. De verzorging van deze boom betekende voor hen het begin van de boomverzorgingspraktijk in Nederland.jandebeijer-roc463-levendaal-1745-gma-1215Kasteel Levendaal. Jan de Beijer, 1745. Met in het midden de oude linde op de voorhof?

Op de plaats van het vroegere kasteel Levendaal staat nu een boerderij (Klein Levendaal) met een “1000-jarige” linde op de voormalige voorhof van het kasteel. De funderingen van het oude kasteel Laar (later Levendaal genoemd) bevinden zich in de grond bij de boerderij. Het kasteel is gebouwd kort na 1331 en in 1820 afgebroken. De grachten zijn na 1945 met puin van de linie dichtgegooid.

Voor wandelaars vanuit Rhenen beveel ik de volgende route aan: neem vanaf het station Rhenen de Levendaalseweg, vervolg die door het bos. Aan het eind van de weg door het bos steek je de  Cuneraweg over. Je bent dan op de Levendaalselaan. De boerderij Klein Levendaal is te vinden aan je rechterhand op nummer 6. Je kunt daar fruit kopen en vragen of je de linde mag bewonderen.

En als je toch op de Cuneraweg wandelt, iets zuidelijker langs de weg  lag Kasteel Heimerstein, ook afgebroken en later vervangen door Huize Heimerstein (zie afbeelding hieronder) en nog later weer vervangen door een huis voor mensen met een verstandelijke beperking.  Tegenover het huis in het bos ligt nog de oude ijskelder van Kasteel Heimerstein.

1k0Huize Heimerstein voor Wereldoorlog II

Plan “Soestdijk Buitenplaats van Nederland” door naar Finaleronde

dsc_7221Het team “Soestdijk Buitenplaats van Nederland”

Drie plannen voor een nieuwe bestemming van Soestdijk zijn naar de Finaleronde, te weten “Nationaal Ensemble Soestdijk”, “Eden Soestdijk” en Made by Holland” . Ons bureau maakt als adviseur deel uit van het consortium “Nationaal Ensemble Soestdijk”. We zijn dus zeer verheugd dat we weer een stapje dichterbij de verwezenlijking van “ons plan” zijn gekomen. Zie onze eerdere aankondiging van 2 juni 2016.

Minister Blok heeft gisteren aan de Tweede kamer een brief gestuurd met de boven beschreven uitkomst . Deze drie plannen voldoen alle drie aan de kwalitatieve eisen die gesteld waren door het Rijk, de Provincie Utrecht en de gemeenten Baarn en Soest. In de laatste ronde telt alleen nog het bedrag dat de partijen bieden. Dit bod moet voor 28 april 2017 worden uitgebracht. Wie het beste bod doet mag Soestdijk kopen en starten met zijn plannen.

Zie onderstaand Persbericht van het Consortium “Nationaal Ensemble Soestdijk”.

0001
0002
0003

Buxus of Randpalm ziek? Wat nu?

Is zieke Buxus sempervirens of Randpalm vervangbaar?

125900-004-63c3d81bBuxus hierboven als randplant en structuurmaker. Foto Brittanica.com

Buxus sempervirens of Randpalm kennen we als plant die bloemperken afscheidt van gras of paden. De plant is heldergroen, wordt niet te hoog en  geeft een hele duidelijke vorm en structuur aan bloembedden, zoals in het plaatje hierboven aan bedden met lavendel en Santolina (?) en geknipte boompjes.

Helaas heerst er tegenwoordig een schimmelziekte in de Buxus (te herkennen aan bruin blad en zwarte takjes). Deze buxus-ziekte verspreidt zich snel door Nederland en daarbuiten. Het wordt dus tijd dat we serieus over een duurzame vervanger (in plant of ander materiaal) gaan nadenken. Intussen hebben Het Loo, Kasteel Assumburg en Huis Verwolde gekozen voor Ilex crenata (Japanse Hulst). Wij proberen nu samen met GLK (Gelders Landschap & Kastelen) een oplossing voor de tuin van Kasteel Staverden aan te dragen.

Die vervangende plant zal zoveel mogelijk op de Buxus sempervirens moeten lijken en/of haar eigenschap van afperking en structuurmaker zoveel mogelijk moeten kunnen imiteren. Er zijn twee mogelijkheden waar we aan denken. Of we zoeken naar planten die zich schikken in randen of we zoeken naar historische niet-plantaardige materialen die geschikt zijn voor afperking en de structuur van bloembedden accentueren.

Ook in historische tijden werden in plaats van buxus al andere planten gebruikt, bijvoorbeeld tijm, lavendel en  kleine anjertjes.  Als structuurbepalende materialen gebruikte men aan de buitenzijde van bloembedden en als afscheiding van paden ook op hun kant geplaatste houten planken, die deels in de grond werden ingegraven èn klinkers die op vele manieren geplaatst konden worden, bijvoorbeeld op hun korte of lange kant geplaatst in de aarde, plat liggend op de aarde (in de lengte of in de breedte langs pad of bed), en diagonaal op hun korte kant geplaatst in de aarde.

Bij vervanging speelt anno 2016 ook het dure onderhoud (knippen van de Ilex en onkruidvrij houden van de grond waarin de Ilex wordt geplant) een rol omdat het onderhoud niet meer aftrekbaar is. Het lijkt dus goedkoper om over te stappen op materialen van steen of hout of staal. Maar in dat geval zal het beeld van veel tuinen toch sterk gaan veranderen en steeds meer verloren gaan.

Van alle mogelijkheden zijn wat voorbeelden bijeengezocht:

A. een groepje met andere randplantjes (Ilex crenata, Santolina, Lavendel).

B. een groepje met bakstenen structuurmakers.

A.

7-3-paleis-looTuinbaas Willem Zieleman plant Ilex crenate in de tuin van Paleis Het Loo

Dwarf germander, barberry & santolina Knot garden detail from the herb garden parterre, creating visual effect with patterns of planting design

 

santolinaborder

 

opsluitband-6x30x100-cm-zwart_3_l

 

images-3

B.

rock_edging

 

borders-for-flower-beds

 

images-1

 

lawn-flower-beds-edging-design-ideas-stone-edge-circle-diy

 

flower-bed-edging-with-brick

 

images

 

images-2

 

Ithaka Prijs bekend

(deels overgenomen van de website van skbl.nl):
Uitreiking SKBL- Ithaka Prijs 2016:
1000_1000_6000_9789087045920-pcovr-vdbroekehofwijck_cover_001lr-3kopie
Er zijn 2 winnaars voor 2016 bekend gemaakt (12 oktober op De Vanenburg in Putten). Het Ithakastipendium werd niet uitgereikt, zodat het geld dat hiervoor was gereserveerd naar een tweede geselecteerd boek kon worden doorgeschoven.

Gisteren vond de uitreiking van de Ithakaprijs en het Ithakastipendium 2016 plaats (beide groot € 5.000,-). De laatste werd niet uitgereikt omdat er dit jaar geen passende inzending was. Het stipendium werd doorgeschoven naar de prijs en daarmee was er ruimte voor twee winnaars:

* Kees van der Leer en Henk Boers namen de prijs in ontvangst voor het boek Huygens’ Hofwijck. De buitenplaats van Constantijn en Christiaan. Volgens de jury: ‘het mooiste boek en meest fascinerende verhaal’.

*Martin van den Broeke kreeg voor het boek Het Pryeel van Zeeland. Buitenplaatsen op Walcheren 1600-1820 alle eer.  Volgens de jury: ‘wetenschappelijk de meest diepgaande en gedegen studie’. Zie ook onze aankondiging van dit boek 23 mei jl.

Oldenburgers Binnenstad en Buitenleven feliciteert beiden met hun wel verdiende prijs.