Categoriearchief: Groen Erfgoed

Duurzaamheid voorop, Ook bij renovatie van historische tuinen

Hitte, droogte, meer neerslag en een hogere zeespiegel zullen de belangrijkste effecten van de klimaatverandering zijn. Hoe passen wij ons daar aan aan? Hoe houden we het klimaat in en rondom ons huis zo aangenaam mogelijk en helpen we de natuur tegelijkertijd? Door het toepassen van klimaatadaptatie, het sleutelwoord dat dezer dagen overal rondzoemt.

Ook ons bureau probeert bij onze werkzaamheden in historische tuinen en parken altijd duurzaamheid te propageren. Hoe doen wij dat?

Watertuin in Sevilla, Alcazar. Foto Carla Oldenburger

BUREAU BINNENSTAD & BUITENLEVEN ADVISEERT:

– zo min mogelijk verhardingen en bestratingen toepassen in tuinen en parken. Paden worden half verhard uitgevoerd en verharde deeltuinen worden vergroend met bloemperken, gras of met bodembedekkers.

Bodembedekking met Vinca maior. Foto Carla Oldenburger

– passende waterreservoirs aanleggen in de vorm van omringende nieuw te graven of uit te diepen grachten (zoals op Brakestein op Texel) en vijvers (zoals in de tuin van Staverden), zichtkanalen en visvijvers op te nemen in nieuwe ontwerpen.

Brakestein. Texel. Zie het halfverharde pad en de 17de eeuwse gracht, die weer werd uitgediept. Foto Vibeke Roemer

– inheems hardhout gebruiken voor bruggen, hekwerken, berceaus, latwerken etc.

Brug naar ontwerp van L.A.Springer. Materiaal inheems hardhout. Landgoed Clingendael Den Haag. Foto Joost Gieskes

– toepassen van duurzame gewasbescherming, indien noodzakelijk.

– restauratie van historische lanen met jonge bomen, die op den duur beter aanslaan.

– gebruik van inheemse plantensoorten. Planten uit andere klimaatzones zullen snel verdwijnen of de inheemse soorten juist kunnen verstikken (bijv. de invasieve soorten Perzische Bereklauw en Japanse Duizendknoop)

Bostuin in Rhenen. Foto Carla Oldenburger

– door ziekte gevoelige plantensoorten vervangen door gelijkende alternatieve soorten, bijv. Ilex crenata i.p.v. Buxus sempervirens

Huis Rozenburg Den Haag. Deze Buxus vervangen door Ilex crenata? Foto Carla Oldenburger

– werken met biologische compost.

– in voorkomende gevallen ontwerpen van groene daken, daktuinen en gevelbeplantingen, hoewel al deze groene tuinvarianten in combinatie met historische tuinen en parken weinig voorkomen.

Gevelbeplanting vóór Aalsmeerder Veerhuis Amsterdam. Foto Carla Oldenburger

Overzicht Oldenburgers.nl-2020

VILLA KRUISHEIDE HILVERSUM

(224) Vroeger in mijn functie als conservator van Wageningen Universiteit en Researchcentrum (Landbouwuniversiteit) moest ik altijd in januari een verslag / overzicht van projecten van het afgelopen jaar maken. Dat werd dan weer in het jaarverslag van de Bibliotheek Landbouwuniversiteit opgenomen en gepubliceerd. Sinds 2000 gebeurde dat als e-uitgave.

Een dergelijk jaarverslag is de afgelopen jaren soms wel en soms niet opgemaakt over de werkzaamheden van Bureau Binnenstad & Buitenleven (Oldenburgers.nl). Een verslag over dit afgelopen jaar willen wij weer eens graag aan onze lezers en klanten voorleggen.

2020-Projecten Oldenburgers Binnenstad en Buitenleven:

ONTWERP TUIN BRAKESTEIN TEXEL. JULIET OLDENBURGER, 2019/2020.
  • Wassenaar Backershagen ontwerp vroeg-20ste eeuwse tuin bij entree, in de geest van L.A. Springer. Afgeleverd en aanvaard). Part. Uitvoering wordt vervolgd.
  • Heemstede  Groenendaal, advisering reconstructie Belvédère. I.s.m. KPG Architecten. Winnend ontwerp. Gem. Heemstede. Wordt vervolgd. 
  • Wieringerwaard, vóór-onderzoek en offerte voor 17de eeuws tuinontwerp bij Polderhuis. Part. Wordt vervolgd. 
  • Hilversum Villa Kruisheide (rijksmonument). Tekst redengevende omschrijving tuin Villa Kruisheide opgesteld. Gem. Hilversum. Afgeleverd. Gevolgd door advisering. 
  • Amsterdam Vondelpark. Cultuurhistorisch onderzoek (uitgevoerd door Walther Schoonenberg) naar de geschiedenis van Het Groot Melkhuis. 34 p. Via Rod’or Advies. Afgeleverd.
ONTWERP GROOT MELKHUIS. OF BOERDERIJ, L.P. ZOCHER, 1874. COLLECTIE PANDENARCHIEF, STADSARCHIEF AMSTERDAM
  • Amsterdam begraafplaats St. Barbara. Ontwerp urnenmuur. In opdracht van Begraafplaats St. Barbara. I..s.m. Coen van der Heiden, architect. Oriëntatie, wordt vervolgd in 2021. 
  • Amsterdam Claes Claesz.Hofje. Kleurontwerp schilderwerk Hofzijde, in opdracht van St. Diogenes. Het schilderen begint in januari 2021.

2020-Artikelen:

Artikel JO: ‘Der Garten als Spiegel der Welt’, in: ‘Historische Gärten und Gesellschaft. Kultur-Natur-Verantwortung’. p. 302-308. Berlin (Stiftung Preussische Schlösser und Gärten, Berlin Brandenburg, Schnell + Steiner), 2020. Eveneens engelse uitgave.

Artikel CO: ‘Over het Damplantsoen, zijn ontwerper en de ‘Oud-Hollandse stijl’. 13 p. Cascade Bulletin 2020, p. 33 t/m 44. (verschenen in nieuw format jan. 2021).

Artikel JO: ‘Iepen bedreigd door kademuurrenovatoe?’ Binnenstad 296 (jan./febr.2020), p. 8-10. 

Artikel JO: ‘Iepen toch bedreigd’. Binnenstad 298 (mei/juni 2020), p.37.

Losse relevante adviseringen, uitgewerkt in weblogs: 1) Kaart van de Hofstede Adrichem. Uitgewerkt in weblog: ‘Huis Adrichem, is dit een ontwerp van J.G. Michael?’; 2) Welke Zocher ligt begraven op Kerkhof NH Kerk te Bloemendaal? Uitgewerkt in weblog: ‘Zocher-grafsteen op het kerkhof in Bloemendaal’;  3) Tuinontwerpen in de Collectie Six? Uitgewerkt in weblog: ‘Ontwerp rond Huis Mereveld van Johannes Montsche (1734-1799)? 4) N.a.v. een toegezonden notaris-advertentie omtrent Zocher en de buitenplaats Rosorum. Uitgewerkt in weblog: ‘Nieuwe Zocher (J.D. en L.P.) gedetecteerd’. 5a) Vraag over de aanwezigheid van een historisch doolhof-patroon op Texel. Uitgewerkt in weblog: ‘Het Bosch van Engelsteen op het eiland Texel’; en 5b) ‘Het Bosch van Engelsteen of ’t Bossie heden ten dage (2). 6) N.a.v. de vraag welke tuin bedoeld zou kunnen zijn met een prent genoemd Angiers (in de salon van Brakestein), genoemd in de boedelscheiding van 1711?  Uitgewerkt in weblog: ‘Prenten in de salon van Buitenplaats Brakestein te Texel’. 7) N.a.v. een vraag van de ‘St. Historische Behangsels en Wanddecoraties’, een artikeltje voor hun Nieuwsbrief over ‘bloemschilderen’.

Binnentuin Teylers Hofje Haarlem Reconstrueren?

Binnentuin Teylers Hof en het neoclassicistische toegangsgebouw met Dorische zuilen. Ontwerp Leendert H. Viervant. Naast de woonhuisjes en het toegangsgebouw is ook de hardstenen pomp in het centrum van de tuin een rijksmonument

(223) Het Teylers Hofje aan de Koudenhorn in Haarlem (24 huisjes rond een binnentuin) is 29 december 2020 verkocht aan de Ver. Hendrick de Keyser. Deze vereniging heeft tot doel rijksmonumenten, zoals dit hofje, voor de eeuwigheid in hun meest oorspronkelijke staat te behouden.

Het Hof is gebouwd tussen 1780 en 1784 en is gefinancierd uit de nalatenschap van Pieter Teyler van der Hulst, evenals het Teylers Museum aan het Spaarne en het Teylers Fundatiehuis om de hoek in de Damstraat. De gebouwen zijn rijksmonument, echter niet de tuin, omdat deze naar we aannemen uit de tweede helft van de 20ste eeuw dateert.

Binnentuin Teylers Hof met pomp en uitzicht op de karakteristieke Bakenesserkerk (voor de reformatie de Onze Lieve Vrouwekapel op Bakenesse)

Omdat de Vereniging Hendrick de Keyser er naar streeft haar monumenten te behouden in een zo oorspronkelijk mogelijke staat en daarbij ook de samenhang tussen huis en tuin optimaal wil laten uitkomen (denk aan de tuin achter Museum-Huis Bartolotti aan de Herengracht of aan de samenhang tussen het Huis Ramswoerthe en het originele park van H. Copijn en Zn. daarachter) èn omdat de originele ontwerpen van Leendert Viervant behouden zijn gebleven, is het in principe mogelijk de originele tuin weer te reconstrueren. De tuin die er nu ligt ziet er prima uit, maar origineel is hij niet. De stijl van de huidige tuin past niet bij de stijl van de gebouwen, dat is heel duidelijk te constateren als we naar het originele ontwerp van Viervant kijken (hieronder afgebeeld).

Ontwerp van Leendert Viervant van de binnentuin van Teylers Hofje, ca. 1785

Het binnenste centrale deel van de tuin bestaat uit langgerekte grasstroken afgewisseld met witte (?) marmerslag, met een ronde cirkel in het midden (mogelijk de plaats van de pomp). De vier zijperken zijn elk gevuld met drie kleine bloemvakken, verbonden door slingerpaadjes. Dit zijn vroege verwijzingen naar de laat-18de eeuwse landschapsstijl. In de voorste twee zijperken zijn langs het pad kleine boompjes geplant en zijn de ruimtes aan beiden zijden van de slingerpaadjes ingevuld met andere planten dan die in de vakken. Er is een kleine draaïng in de middenas waarneembaar om de aansluiting op het middelpunt van de dwarsas (voor en achter) te vervolmaken.

Ons bureau heeft de vereniging Hendrick de Keyser aangeboden eens te komen brainstormen over dit tuinontwerp uit de beginperiode van de landschapsstijl.

Ver. Hendrick de Keyser heeft bovenstaande beschrijving van het ontwerp enthousiast ontvangen. We gaan nadenken over een vervolg!

Waar is de voortuin van de Amsterdamse Hortus?

(221) Een aantal jaren geleden maakte ons bureau in opdracht van de Amsterdamse Hortus een herontwerp voor de voortuin van deze hortus. ‘De meeste mensen lopen of fietsen hier met oogkleppen op aan voorbij en kunnen ook vaak de ingang van de hortus niet vinden’, klaagde de directie. Hier moest toch iets aan gedaan kunnen worden. In bovenstaande presentatie is te zien hoe wij tot het nieuwe ontwerp van de voortuin zijn gekomen. Het advies dat we deden om een kunstwerk te plaatsen nabij de ingangspoort is helaas niet gerealiseerd.

Bureau Oldenburgers Binnenstad & Buitenleven 2020 tot heden

2020-Projecten Oldenburgers Binnenstad en Buitenleven

(212) Het jaar 2020 zal lang in ons geheugen staan gebrand. O ja, corona, maar over een aantal jaren weten we vast niet meer precies hoe we die vreemde situatie het hoofd boden. Ons bureau heeft in deze onzekere tijd weerstand geboden door gewoon door te werken aan de opdrachten die we al hadden ontvangen en nieuwe kansen te zien en op te pakken. Hierbij een kort overzicht van ons werk in 2020 tot 1 oktober. Aan het eind van het jaar komen we met een aanvulling.

  • Texel Buitenplaats Brakestein onderzoek en ontwerp 17de eeuwse tuin (rapport en ontwerp ingeleverd en aanvaard). Part.
  • Wassenaar Buitenplaats Backershagen ontwerp vroeg -20ste eeuwse  tuin bij entree, in de geest van L.A. Springer (ontwerp ingeleverd en aanvaard). Part.
  • Heemstede  Groenendaal, advisering reconstructie Belvédère. Ontwerp ‘De Wandeling’ I.s.m. KPG Architecten. Winnend ontwerp. Wordt vervolgd. Gem. Heemstede.
Ontwerpteam ‘De Wandeling’ Groenendaal Belvédère
Winnend ontwerp ‘De Wandeling’ van bovenstaand ontwerpteam. Foto KPG
  • Wieringerwaard, voor-onderzoek en offerte voor 17de eeuws tuinontwerp bij Polderhuis (stolpboerderij). Wordt vervolgd.
Polder Wieringerwaard met polderhuis, 1609. Huis in hoek van Vak B. Coll. Zijpemuseum
  • Hilversum Villa Kruisheide (rijksmonument). Onderzoek en redengevende omschrijving tuin Villa Kruisheide. 5 p. Gem. Hilversum. Aanvaard.
Zicht op de bibliotheek van het Landhuis Kruisheide Hilversum, gezien vanaf onderstaand tuinornament. Foto Carla Oldenburger
Origineel tuinornament (bankje in halfronde cirkelvorm als Eye-catcher vanuit de bibliotheek). Foto Carla Oldenburger
  • Amsterdam Vondelpark. Cultuur- en bouwhistorisch onderzoek Het Groot Melkhuis / Vondelpark Amsterdam. 34 p. Ingeleverd. Opdr. gever Rod’or Advies.
De boerderij in het Vondelpark bij winter gezien. Foto uit ca. 1880. Stadsarchief, Amsterdam.
Het boerengehucht (vgl. Le hameau de la Reine in Versailles) met v.l.n.r. hooiberg, de boerderij naar ontwerp van Louis P. Zocher, met aanbouw (i.e. later het Groot Melkhuis), het bakhuisje met daarvoor het melkbussenbootje. Heel vaag rechts is ook nog het dak van het ontspanningslokaal van Jan Springer te zien
  • Artikel JO: ‘Der Garten als Spiegel der Welt’. 12 p. Duits tijdschrift. In druk.
  • Artikel CO: ‘Over het Damplantsoen: ontwerper en karakteristieke kenmerken’. 13 p. Ingeleverd. Cascade Bulletin 2020-2.
  • Artikel JO: ‘Iepen bedreigd door kademuurrenovatie?’ Binnenstad 296 (jan./febr.2020), p. 8-10. 
  • Artikel JO: ‘Iepen toch bedreigd’. Binnenstad 298 (mei/juni 2020).
Boompje planten op de Keizersgracht. Foto Wim Ruigrok
  • Losse adviseringen, uitgewerkt in ‘Berichten’ op website in de vorm van weblogs. 1) Kaart van de Hofstede Adrichem. Uitgewerkt in weblog: ‘Huis Adrichem, is dit een ontwerp van J.G. Michael?’; 2) Welke Zocher ligt begraven op Kerkhof NH Kerk te Bloemendaal? Uitgewerkt in weblog: ‘Zocher-grafsteen op het kerkhof in Bloemendaal’;  3) Tuinontwerpen in de Collectie Six? Uitgewerkt in weblog: ‘Ontwerp rond Huis Mereveld van Johannes Montsche (1734-1799)?’
Detoil Kaart Watergraafsmeer, 1725. Mereveld is hier aangegeven met het perceel van Jan Lups. Tegenover (boven) de bezittingen van Jan Lups, aan de overzijde van de Grote Tocht Sloot ligt de buitenplaats Merenburg (niet te verwarren met Merenveld van Lups). Noorden beneden

4) N.a.v. een toegezonden notaris-advertentie omtrent Zocher en de buitenplaats Rosorum. Uitgewerkt in weblog: ‘Nieuwe Zocher (J.D. en L.P.) gedetecteerd’. 5a) Vraag over de aanwezigheid van een historisch doolhof-patroon op Texel. Uitgewerkt in weblog ‘Het Bosch van Engelsteen op het eiland Texel’; en 5b) ‘Het Bosch van Engelsteen of ’t Bossie heden ten dage’ (2).

Verder de weblogs lezen? Ga op deze website naar Zoeken en vul zoekterm uit de weblogtitel in.

Het bosch van Engelsteen of ’t Bossie heden ten dage (2)

(211) Als reactie op het vorige bericht kreeg ik enkele foto’s opgestuurd om een beeld te geven hoe ’t Bossie er nu uitziet. Het beeld uit de 18de eeuw is nog goed herkenbaar. Vergelijk maar eens met de kaarten die ik afbeeldde in het vorige bericht.

Dit is de scheidingslaan of entree-laan. Het bergje ligt achter ons en in de verte is het entree-hek te zien. Mooie rij beuken (?) links van het pad.
Dit is een van de twee lanen van het Andreaskruis, die sinds het eerste kwart van de negentiende eeuw uitzicht biedt van het bergje richting de buitenplaats Brakestein. In de late achttiende eeuw werd dit doorzicht echter (te zien op de 18de eeuwse kaart in het vorige Bericht) onderbroken door een kabinetje. Uiterst rechts dezelfde rij beuken als op de eerste foto.
Dit is een van de slingerlanen die later in de plaats zijn gekomen van een van de rechte lanen rondom het bos.

Het bosch van Engelsteen op het eiland texel

(210) Vandaag kregen we via Bureau Noordpeil een vraag binnen of het patroon van het Bosch van Engelsteen nog zichtbaar is op de Hoogtekaart van Nederland. Dit bos staat tegenwoordig bekend onder de naam Het Doolhof op de Hoge Berg bij Oude Schild (Texel) of ’t Bossie. De oude kaart van dit doolhof (getekend na 1794) en een gecombineerde kaart van het Actueel Hoogtebestand Nederland / AHN en genoemde oude kaart werden meegestuurd.

Ik kan me voorstellen dat de beheerder van dit Bossie wil weten of het slingerpad en het diagonale kruis binnen de rechte omgevende lanen nog waarneembaar zijn op de AHN-kaart. Daarom zijn hieronder eerst de kaarten waar het hierom gaat afgebeeld: 1) de kaart van het doolhof uit het eind van de 18de eeuw; 2) de AHN-kaart van de huidige situatie met daarin gemonteerd de kaart van het doolhof uit de 18de eeuw; en tenslotte de AHN-kaart zonder montage van de oude kaart.

Kaart van het ‘Bosch genaamd Engelsteen op het eiland Texel behorende aan mijnheer G.W. Reinbach’. Ongesigneerd, ongedateerd (na 1794). Aanleg van vóór 1784. Part. Coll.
Het bos is gelegen tegen de zuidhelling van de Hoge Berg, met uitzichten over het hele eiland en tot aan de haven van Oudeschild. Ten oosten van het bos ligt de zandkuil. Het bos of doolhof bestaat uit twee delen, gescheiden door een scheidingslaan, een westelijk deel met een spiraalvormig doolhof of labyrint en een oostelijk deel met wandeldreven die elkaar diagonaalsgewijs kruisen in de vorm van een Andreaskruis. Aan de noordzijde van de scheidingslaan stond waarschijnlijk een naald of obelisk op een ‘bergje’. Vanaf het bergje had men zicht door de laan
Rondom het bos lopen rechte brede wandellanen waarvan die aan de noordzijde van het doolhof doodloopt. De twee diagonale lanen eindigen aan de noordzijde in kabinetten waarin waarschijnlijk beelden stonden, die de wandelaar naar het einde van de lanen moesten lokken. Hoge beukenhagen schermden de lanen af van de omringende hakhoutbossen.
AHN-kaart huidige situatie, gecombineerd met eind-18de eeuwse kaart. Montage Bureau Noordpeil Landschap & Erfgoed.
AHN-kaart huidige situatie zonder combinatie met eind-18de eeuwse kaart. De slingerpaden aan de noord-en zuidrand van het voormalige doolhof bestonden niet in de 18de eeuw. De scheidingslaan, één diagonale laan van het Andreaskruis (nb. niet doorgetrokken tot het bergje) en de zuidelijke rechte laan ten zuiden van het Andreaskruis bestonden wel al aan het eind van de 18de eeuw. Zijn langs deze lanen nog bomen uit die tijd te onderscheiden? Beuken en eiken?

Deze drie kaarten bijeengeplaatst voor een korte kartografische analyse, kunnen de start vormen voor een tuinarchitectonisch vervolg-onderzoek en de basis voor een herbezinning t.a.v. beheer en behoud van dit bos. De vraag die direct n.a.v. deze analyse naar voren komt luidt: Welke lanen en paden gaan we nu handhaven? De rechte wandelwegen uit de 18de eeuw, de slingerpaden uit de 20ste eeuw of beide? En willen we het doolhof met het spiraalvormige padenpatroon en het Andreaskruis met de kabinetten weer terugbrengen? Opvallend is dat er in dit bos aan het eind van de 18de eeuw nog sprake is van rechte lanen en dreven en dat deze waarschijnlijk in de 20ste eeuw juist kronkelpaden zijn geworden. Je zou eerder denken andersom.

Zie verder: Vibeke Roeper. Dolen is het doel. Weblog op website Buitenplaats Brakestein. http://www.brakestein-texel.nl/2020/08/20/dolen-is-het-doel/

Oldenburgers Binnenstad & Buitenleven. Waardestelling Buitenplaats Brakestein Texel. https://www.oldenburgers.nl/wp-content/uploads/2019/12/BB-COJO-Brakenstein7-2-1.pdf

Jan Holwerda. Toenmalige tuinen op Texel. Tuingeschiedenis in Nederland II. 2016.

Henk van der Eijk. A late 18th century Sanssouci-Texel connection? Weblog op Website Historical Gardens. https://www.historicalgardensblog.com/2008/03/15/a-late-18th-century- sanssouci-texel-connection/

Park van Kasteel Keppel in de tijd van Zocher jr.

TOEGEPASTE BLOEMHEESTERS IN 1835

Het Huis Keppel is gelegen ten oosten van het dorp Laag-Keppel, op een bebost ‘eiland’ tussen twee takken van de Oude IJssel. Het huis is omstreeks 1300 gesticht in de vorm van een donjon en vele malen verbouwd en uitgebreid. In 1582 is het kasteel totaal afgebrand en in 1672 had Lodewijk XIV er zijn hoofdkwartier gevestigd. In hetzelfde jaar werd het huis door de Franse en Munsterse troepen zwaar beschadigd.

De tegenwoordige interieurs van het huis zijn zeer fraai en bijzonder, zoals de muziekkamer met achttiende-eeuwse schilderingen van Arcadische landschappen en taferelen. Sedert vijf eeuwen is dit huis in bezit van de familie Van Pallandt van Keppel. 

Kasteel Keppel gelegen in Laag-Keppel, tussen de Oude Ijssel en een aftakking van deze rivier. Noorden boven

Vanaf omstreeks 1650 lag er ten noordwesten van het kasteel een complex van moestuinen, opgedeeld in zestien gelijke perken met in het midden een bassin. De middelste vier perken waren, zoals vaker gebeurde, uitgevoerd als parterres de broderie (sierperken), de andere perken bevatten waarschijnlijk groente, kruiden en lage vruchtbomen rond deze vierkante perken. Omstreeks 1780 veranderde de tuin rond de voorburcht, tegelijk met de verbouwing van de entree. Een eerste landschappelijke aanleg werd ten oosten van het huis gecreëerd, aan de overzijde van de IJssel, in de periode 1774-1776. Dit was het zogenaamde ‘Engelse Bos’. Enkele jaren later werd de geometrische aanleg rond de voorburcht opgenomen in een landschappelijke aanleg. Of bij deze verlandschappelijking de tuinarchitect J.G. Michael of zijn (latere) schoonzoon J.D. Zocher sr. betrokken is geweest is nog onduidelijk. Op de zogenaamde ‘Hottingerkaart’ uit 1783 is nog te zien dat het huis op een eiland tussen twee strangen van de Oude IJssel lag, waarbij het huis zelf ook weer omgracht was en omgeven werd door een aantal kleinere sterrebossen. 

Kasteel Keppel. Ontwerp J.D. Zocher jr. voor het voorpark (1835)

In 1835 ontwierp de tuinarchitect J.D. Zocher jr. een nieuw plan voor het voorpark van het kasteel. Dit hield in dat het voorterrein in een aantal ovalen werd verdeeld en beplant, waaromheen wandelpaden werden geprojecteerd. De beplanting bestond uit enkele solitaire bomen en bloeiende heesters. 

Kasteel Keppel. Ontwerp D. Wattez, 1880. Noorden boven

In 1880 heeft D. Wattez het plan van Zocher vernieuwd. Zijn plan betrof een afwisselend wandelpark vóór het huis met grote open ruimten en wandelingen in het bos achter het kasteel, grotendeels afgeschermd van de IJsselstromen. Het Engelse Bos aan de overzijde van de IJssel, dat per boot bereikbaar was, veranderde hij in gemengde stijl. Wattez ontwierp hier een zuiver cirkelvormig centraal deel met een solitaire boom in het centrum van een dubbele bomencirkel; daarbuiten projecteerde hij open ruimten met solitairen en aan de randen van dit driehoekige bos wat dichtere bosschages. Zie het ontwerp hier boven.

Zowel het plan van Zocher als dat van Wattez blijkt niet of nauwelijks uitgevoerd te zijn, als we de ontwerpen met kadastrale kaart (1832) en topografische kaarten vergelijken.

Wel is de inhoud van een geleverde bestelling planten bekend, maar waar die planten precies in het park zijn gepoot blijft ongewis. Toch krijgen we een duidelijk beeld van de rijkdom aan kleur en soorten die werden aangeplant. Deze soorten kunnen heden te dage natuurlijk als ‘basismateriaal’ van de aanplant worden toegepast.

Het gaat om 40 Italiaanse populieren, 50 ‘differente’ sparren (achterop de bestellijst staat dan verder een onderverdeling in 15 zilversparren, 15 balsemsparren, 10 Wymouthspijnen en 10 fijnsparren). Verder 6 pakken lindenbomen; 20 ‘grote Castanje Quina’ – Castanea equina / paardenkastanje; 35 hortensia’s;  25 azalea’s; 28 pakken ‘groote heesters’; 85 ‘paken (sic) met groenblijvende heesters’; 75 ‘pakken met diverse plantsoen’; 100 ‘maandrozen in potten’. Onder de bloemen 150 dahlia’s in 50 soorten, en bloemheesters. Op de achterzijde van deze plantenlijst staat de beplanting ingedeeld in vijftien beplantingsvakken en ‘verder zonder nummers’ nog een aantal losse bomen waaronder ‘1 Groote Tulpenboom’.

Toegang tot Kasteel Keppel.


Parkaanleg rond Huis Landfort bij Megchelen

Onderstaande tekst zal in aangepaste vorm in Zochers OnLine worden opgenomen.

De buitenplaats Huis Landfort te Megchelen is altijd een beetje onbekend gebleven in de Nederlandse tuingeschiedenis. Waarschijnlijk is de ligging direct tegen de grens van Duitsland, daar debet aan. Nu huis, tuin en park worden gerestaureerd en het koetshuis herbouwd, wordt het zo langzamerhand tijd ook op deze plaats eens wat meer over het buitenplaatscomplex Huis Landfort te vertellen.

Huis Landfort gelegen op een huis-eiland omgeven door een aftakking van de Oude IJssel. Links boven de visvijver. Links boven het huis de voortuin en rechts onder het huis de achtertuin op het zuiden. De vorm van de gracht heeft een karakteristieke Zocher-vorm. Buiten de (brede) gracht, boven in de foto stroomt de Oude IJssel. Bron: Google Earth

Huis Landfort is gelegen in een flauwe bocht van de Oude Ijssel nabij het dorp Megchelen. Het huis wordt voor het eerst in 1434 in een verkoopakte genoemd. Het terrein stond al bekend onder de naam ‘Lanckvoort’, wat zeer waarschijnlijk duidt op een ‘voorde’ (doorwaadbare plaats) in een rivier. Heden ten dage vormt het goed een fraaie combinatie van een huis (omstreeks 1825 verbouwd) met een park in landschapsstijl uit dezelfde tijd, voorzien van oude, bijzondere bomen. In 1996 waren hiervan nog aanwezig een moerascipres, tulpenboom, vederbeuk, ginkgo, weymouthden, dwergcipres en een Catalpa. Het goed heeft vele eigenaren gekend, maar naar hen is nog geen uitputtend onderzoek gedaan. De Amsterdamse medicus en botanicus Johann Albert Luyken (1785-1867) kocht met hulp van zijn 21 jaar oudere zuster Stiencke Christina Waltmann-Luyken in 1823 de oude buitenplaats op een veiling. Direct in datzelfde jaar gaf hij de architect-aannemer Johann Theodor Übbing (1786-1864) uit Anholt (aan de overkant van de Oude IJssel) de opdracht het oude huis en de omgeving rondom het huis te veranderen naar de smaak van de tijd.

Huis Landfort in 1720. Jan de Beijer? Bron Wikipedia

Maar hoe zagen huis en tuin er uit? Het huis had in de 18de eeuw een vierkant hoofdhuis met op iedere hoek een toren met helmdak. Aan het eind van de achttiende eeuw werden de hoektorens gesloopt. De houten kap uit de zestiende eeuw is in het huidige huis nog bewaard gebleven. Het omsingelde terrein en de percelen waren omstreeks 1816 nog rechthoekig van aard.

Situatiekaart met rechthoekig omsingeld terrein van Huis Landfort, schuin tegenover Anholt. Casparus Muller, 1816. De grens Nederland – Duitsland is met kruisjes weergegeven. Duidelijk is te zien dat de grond-indeling rechthoekig van karakter is. Noorden boven. Bron: TopoTijdreis

Volgens plan van Luyken en Übbing werden aan de zuidkant van het huis twee kwart-holronde vleugels aangebouwd (links een inpandige oranjerie). In dezelfde tijd werd een achthoekige ‘Moorse’ duiventoren met gotische ramen en een uivormige toren gebouwd, eveneens naar ontwerp van Übbing. Twee bruggen zijn ontworpen door Carl August Wilhelm Luyken. Zij dateren uit omstreeks 1870.

Opmetingskaart Huis Landfort J.Th. Übbing, 1823.
Huis op huiseiland, rechthoekig van vorm en binnen dubbel grachtenstelsel; moestuinen achter het huis verdeeld in vier kwadranten, ingesloten door deels rechte grachten en aan korte tuinzijde een kwartcirkelvormig grachtdeel; hele terrein in rechthoekige nutstuinen, weiden en akkers verdeeld. Linksboven visvijver ten zuiden van de koetshuizen. Midden-onder sterrenbos (jachtbos kleinwild ?); rechtsonder het ‘Schipbosch’, een wandelbos in landschapsstijl. Noorden linksboven. Coll. kcal.nu
Ontwerp Huis Landfort J.Th. Übbing, tussen 1823 en 1825
Huis met uitwaaierende vleugels op huiseiland binnen dubbel grachtenstelsel; tuinen achter het huis in kleinschalige landschapsstijl, ingesloten door grachtenstelsel met lange rechte delen en aan korte tuinzijde een kwartcirkelvormig grachtdeel; hele terrein verdeeld in rechthoekige of ruitvormige nutstuinen, weiden en akkers. Linksboven visvijver ten zuiden van koetshuis en stallen en omgeven door nutstuinen (?). Midden-onder sterrenbos (jachtbos kleinwild ?); rechtsonder het ‘Schipbosch’, een wandelbos in landschapsstijl dat men volgens dit nieuwe ontwerp kon bereiken via een slingerpad vanaf het huiseiland. Noorden linksboven.
Coll. kcal.nu
Ontwerp Huis Landfort. J.D. Zocher jr. toegeschreven, [1825]
Huis met uitwaaierende vleugels op huiseiland met heesterpartijen, omgeven door een slingerend riviervormig grachtenstelsel. Akkers of in stroken gedeelde moestuinen (gestreepte ruimtes) ten zuiden van visvijver en huiseiland. Ruimte rond visvijver geheel omsloten door meesterpartijen. Hele terrein in afgeronde ellipsvormige, niervormige en ovaalvormige ruimtes (akkers en weides) verdeeld. Midden-onder waterpartij met (graf)eiland en sterrenbos. Sterrenbos en voormalige Schipbos via paden rondom open weide verbonden. Noorden linksboven. Coll. kcal.nu

J.D. Zocher jr. heeft in 1825 Landfort bezocht en een nieuw ontwerp-voorstel gedaan aan de heer Luyken. Ook zijn broer Carel G. Zocher schijnt hieraan zijn medewerking te hebben verleend. Waarschijnlijk fungeerde hij als opzichter. Uit correspondentie tussen Jan Zocher en J. Bondt (een zaakwaarnemer van Johann Luyken) blijkt dat Zocher die zomer ‘in de buurt’ (op Biljoen te Velp) moest zijn en dat bezoek zou kunnen combineren met een bezoek aan Huis Landfort om een oculaire inspectie uit te voeren voordat hij zich zou wagen aan een plan voor een belangrijke beek (de omgrachting van het huiseiland en/of van het grafeiland, in Zocherstijl ). Verschillende tuinen, weiden en akkers werden nu door de Zochers tot één landschappelijk en samenhangend plan verenigd. De paden kregen een veel natuurlijker verloop met ruime bogen en het oude formele grachtenstelsel werd vergraven tot een karakteristieke Zocheriaanse slingerende waterpartij (‘beek’ in flauwe M- / W-vorm). Slechts vóór de bijgebouwen bleef een kleine omsloten rechtlijnige aanleg rondom de langwerpige visvijver gehandhaafd. Dat het ontwerp van de Zochers werkelijk is uitgevoerd, wordt bevestigd op de Topografische Kaart van 1843. In grote lijnen is de landschappelijke indeling van het terrein en het karakteristieke Zocheriaanse grachtenstelsel hier duidelijk op terug te vinden.

Topografische Kaart 1843

Huis, koetshuis, park en omliggende landerijen zijn in zwaar verwaarloosde toestand in 1970 aan St. Geldersch Landschap verkocht. Zichtlijnen werden open gekapt, nieuwe borders en waterpartijen werden aangelegd en de visvijver hersteld. Het huis werd alleen uitwendig gerestaureerd. In 2017 is het hele complex in eigendom overgegaan op Stichting Erfgoed Landfort. Deze stichting ziet restauratie van het huis, de herbouw van de bijgebouwen en de revitalisatie van het park als haar belangrijkste doel.

In 2020 wordt een nieuwe moestuin aangelegd en het park gerenoveerd. Het is de bedoeling dat In de toekomst huis en tuinen voor bezoekers worden opengesteld.

Literatuur: Heimerick Tromp, Landfort revisited: Nieuw licht op een oude buitenplaatsDe Woonstede door de eeuwen heen 121 (1999), pag. 16-25.

Website: erfgoedlandfort.nl

Archief: De archieven Familie Luyken op Landfort te Megchelen en Stichting Rhijngeest als eigenaar van Huize Landfort te Megchelen zijn respectievelijk in 2016 en 2013 ondergebracht bij het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (Doetinchem). De inventarissen van genoemde archieven en foto’s van Landfort zijn in te zien op www.ecal.nu


Neercanne terrassenkasteel

Op 14-07-2020 stond een bericht van Fons Habets op LinkeIn: “Onlangs heb ik in opdracht van MH1 Architecten en Van der Valk tuinhistorisch onderzoek gedaan naar de terrassentuin van Kasteel Bloemendaal in Vaals. Een leuke klus. De terrassentuin is een van de weinige terrassentuinen in Nederland, zo niet de enige terrassentuin met een formele aanleg en met 18e eeuwse tuinornamenten, die goed bewaard is gebleven. Bijzonder zijn een rij van tamme kastanjes (castanea savita) van ca 130 jaar oud en twee even oude zomereiken (quercus robur).”

Kasteel Neercanne. Ph. van Gulpen. 1836. Deze schildering accentueert meer de landschapsstijl, terwijl de barokke terrassenaanleg niet te zien is

Ik vroeg Fons Habets of Neercanne dan niet meetelde als terrassenkasteel. Zeker, was zijn antwoord.

Daarom, zie nogmaals het vorige Bericht, dat ik heel toevallig (?) net had geplaatst, echter zonder deze prachtige schildering van Ph. van Gulpen.