Zocher en de Oude Plantage in Rotterdam

J.D. Zocher, 1853. (gesigneerd en gedateerd). Ontwerp voor Villapark aan de Oude Plantage te Rotterdam. Coll. Stadsarchief Rotterdam

(287) Hierboven een ontwerp van J. D. Zocher jr. voor een villapark aan de Oude Plantage te Rotterdam. Hoewel het ontwerp bekend is onder de namen van J.D. en L.P. Zocher en ik ook altijd aanneem dat vader en zoon vanaf 1850 samenwerken, is de ondertekening deze keer toch alleen van Jan Zocher en is het jaartal 1853, hoewel alle bronnen het jaartal 1856 vermelden.

Op dit ontwerp is heel duidelijk sprake van een afwisselende wandeling langs een slingerende beek, langs heesterpartijen en open graspartijen. De Oude Plantage zelf maakte deel uit van een grotere groenaanleg, via de singels rond het oude Rotterdam tot aan Het Park aan de Westzeedijk. Nu neemt de aanleg niet meer ruimte in beslag dan een groene driehoek aan de buitenzijde van de Hoge Zeedijk van de Nieuwe Maas. Een deel van het voormalige park is tegenwoordig veranderd in een woonwijk. 

De Plantage dateert uit 1769 en bestond uit een formeel aangelegd park met rechte lanen. Het park was het eerste openbare park in Rotterdam en heette toen overigens Nieuwe Plantage. Als ontwerper wordt een zekere Zuidewijck genoemd. Het park werd echter door de Rotterdammers matig bezocht. 

Halverwege de 19de eeuw was het park, dat intussen wel was gemoderniseerd in vroege landschapsstijl, ernstig verwaarloosd. Omdat de Zochers een Nieuwe Plantage hadden aangelegd tussen de Oostzeedijk en de Oudedijk, was er vanaf dat moment sprake van een Oude Plantage (dit park langs de Nieuwe Maas) en een Nieuwe Plantage. De verwaarlozing zou misschien ten goede kunnen keren door er een villawijk aan te leggen en de Zochers kwamen toen met dit ontwerp. De as van het park werd gevormd door een natuurlijke beekpartij in de vorm van (zoals ik dat altijd noem) een uitgerekte ‘W’ en een uitgerekte ‘M’. De villa’s zouden volgens het plan van de Zochers alle schuin tegenover elkaar, aan beide zijden van de beekpartij, gebouwd gaan worden en ze hadden alle ook uitzicht op de beekpartij. De villa’s zijn er echter nooit gekomen. 

In 1897 werd het park door de gemeentelijke tuinarchitect D.G. Vervooren veranderd in late landschapsstijl, terwijl hier en daar de oude lanen herkenbaar bleven. Er werd een theeschenkerij ingericht en het parkbezoek nam toe. Tijdens de hongerwinter werden de bomen in het park echter door de Rotterdammers massaal gekapt en als brandhout opgestookt. Tijdens de Wederopbouw had de gemeente geen aandacht voor het park. Het theehuis raakte in verval en de jeugd kon zijn gang gaan in het verwilderde bos. Pas vanaf 1964 is men het terrein weer gaan inplanten met heesters en bomen. Moderne open zonne-weiden en een populieren-rond karakteriseren nu de plaats.

(gedeeltelijk overgenomen van https://natuurcentrum-rotterdam.nl/NATUUR/=NATUURGEBIEDEN/=PARKEN/=PARKEN%20ROTTERDAM/OUDE%20PLANTAGE.htm)

.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.