Categoriearchief: Binnenstad & Buitenleven

wat zou dat een goede oplossing zijn! soestdijk weer terug in nationale handen!

Paleis Soesdijk. Foto Suzan Baars

(overgenomen van Nieuwe Post op Monumentaal):

Heemschut: Soestdijk terug in nationale handen

(247) De Staat der Nederlanden moet Paleis Soestdijk in Baarn terugkopen en opknappen. Dat betoogt Heemschutdirecteur Karel Loeff nadat NRC Handelsblad vandaag (zaterdag 19 juni) naar buiten bracht dat de renovatie van het paleis en het landgoed nog steeds stil ligt. Nationaal erfgoed is daarmee volgens de erfgoedvereniging in gevaar.

Heemschut pleitte al eerder om Soestdijk weer in nationale handen te brengen. Na vandaag is die oproep volgens haar (nog) urgenter.

‘Historische vergissing’

De erfgoedvereniging blijft de verkoop van Soestdijk via een openbare inschrijving een ‘historische vergissing’ vinden. “Welk land verkoopt nu zijn eigen paleizen aan de markt”, vraagt Loeff zich af?

Op 8 juni 2017 maakte het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties bekend dat het paleis en het bijbehorend landgoed in Baarn voor 1,7 miljoen euro werden verkocht aan de MeyerBergman Erfgoed Groep.

Het paleis en het landgoed zouden een ‘proeftuin’ moeten worden voor innovatie, waar instituten, bedrijven en starters zich aan elkaar kunnen presenteren. Ook zouden er horecavoorzieningen komen.

Impasse

NRC meldt vandaag dat het plan in een impasse verkeert en dat de beloofde restauratie van dit nationale topmonument nog altijd wacht. Ook zijn de voornemens inmiddels zo veranderd dat ze naar verluidt ver zijn afgedreven van de oorspronkelijke inschrijving.

Loeff: “We doen een beroep op het nieuwe kabinet: zorg voor de cultuur. Koop het paleis terug, investeer zelf in de restauratie en zoek daarna een passende herbestemming. Het huidige idee: projectontwikkeling met winst, is gebaseerd op het oude denken. Wij pleiten ook voor een beroep op filantropie: er zijn genoeg echte weldoeners in Nederland met voldoende vermogen om een minder belastend plan voor natuur, toerisme en omgeving uit te voeren”.

Heemschut schrijft alle partijen in de Tweede Kamer aan met het pleidooi Soestdijk onderdeel te maken van de kabinetsformatie.

Mijn reactie-1

Carla Oldenburger zegt

24 juni 2021 om 17:07

Gebeurd is gebeurd, schande. Maar nu een oplossing. Ik sta geheel achter de oproep van Heemschut. Maar oproepen tot terugkopen alleen is me nu even te makkelijk. Met welk doel? Wat willen we dan met het paleis als de Staat der Nederlanden het weer in eigendom heeft?
Ik denk al jaren na over een doel voor het paleis nadat het eerst behoorlijk is gerestaureerd en gerenoveerd. Ik maakte deel uit van de groep SOESTDIJK, BUITENPLAATS VAN NEDERLAND, die helaas niet werd uitverkoren.
Het Tuinhistorisch Genootschap Cascade deed ooit een voorstel om van Soesdijk een museum voor tuinarchitectuur te maken, gedachtig aan het feit dat de tuinarchitecten Zocher (Johann David sr. en jr.) vanaf 1808 tot halverwege de 19de eeuw het park achter het paleis hebben vorm gegeven. Ook de latere zeer bekende tuinarchitect Leonard Springer heeft er gewerkt. Zijn aandeel is nog steeds aanwezig in de vorm van een nu armetierig tuintje uit de tijd van Anna Paulowna, waar niemand de schoonheid, het nut en de betekenis meer van inziet.
Nu in 2021 lijkt me focussen op tuinarchitectuur (Nederland en daarbuiten) te nauw. Dat voorstel is wel eens geopperd maar heeft geen weerklank gevonden.
Heel Nederland heeft nu, sinds corona helemaal, in heviger mate dan voorheen ingezien hoe belangrijk de natuur voor ons is. Natuur; gezondheid; voedsel; duurzaamheid; biodiversiteit en geen monocultures; inheemse en uitheemse flora en fauna; natuurbeleving; houtproductie; houtkap en bosaanplant; tuinen; tuinbouw; kweekproducten…en wat al niet meer heeft de natuur ons te bieden en levert iedereen voordeel op. Wij zijn verplicht de jeugd te wijzen op de rijkdom en de betekenis van de natuur, niet alleen op school, maar ook door de gelegenheid te bieden van een uitgebreid en spannend NATUURMUSEUM.
Dit museum zal zowel binnen als buiten (tuinen, kassen, water, onder water etc.) kinderen en volwassenen leren hoe op verantwoorde wijze met natuur om te gaan.
Geen geld verdienen met onroerend goed, maar een museum geconcentreerd op natuur en cultuur (in de zin van door mensen gemaakt), en financieel geholpen door de Staat der Nederlanden en zijn weldoeners.
Carla Oldenburger-Ebbers
https://www.oldenburgers.nl

Mijn reactie-2, een maand na het bovenstaande voorstel van heemschut.

Reactie op Bericht Soestdijk

N.a.v. Artikel Hanneke Ronnes in Volkskrant 

21 juli 2021 in de Volkskrant / Opinie & Debat

AFSTOTEN VAN PALEIS SOESTDIJK DOOR HET RIJK IS EEN GROTE VERGISSING GEWEEST.

Vier jaar geleden kocht projectontwikkelaar MeyerBergman Paleis Soestdijk. Het is het zoveelste schrijnende voorbeelden van falende marktwerking in de vanouds publieke sector, in dit geval de zorg voor erfgoed.

Dit zijn de eerste woorden en een duidelijke stelling van prof. Hanneke Ronnes (Bijzonder hoogleraar ‘Historische buitenplaatsen en landgoederen’ aan de UVA / RUG.

Hier (https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/opinie-afstoten-van-paleis-soestdijk-door-het-rijk-is-een-grote-vergissing-geweest~b6c62013/) is het hele artikel van Ronnes te lezen, waarheden als een koe, ik hoef niet met haar in discussie te gaan. 

Tenslotte was ik zelf sinds 2015 al nauw betrokken bij de ontwikkelingen. Zie:

Het enige wat mij van het hart moet is dit. Heemschut komt met de enige goede oplossing van dit drama (in mijn laatste Bericht refereer ik naar hun standpunt, en dat is  SOESTDIJK TERUG IN NATIONALE HANDEN. Kost wat, maar belangrijk is het wel; het hele Nederlandse volk zal het eens zijn met dit plan. Maar waarom komt Prof. Hanneke Ronnes nu pas met haar ondersteunend standpunt? Waarom heeft zij niet eerder ‘ingegrepen’? Zes jaar geleden had Nederland dit Volkskrant – artikel nodig maar niet gisteren. OK, ze was toen nog geen hoogleraar, maar wel docent aan de UVA. Wat jammer en ellendig dat docenten, die zo geleerd zijn hun kennis niet kunnen overdragen aan mensen buiten hun eigen vakgebied en aan de politiek? Heeft de selectie-commissie niet naar adviezen van buitenaf geluisterd of werden er verkeerde adviezen gegeven? Het is onbegrijpelijk dat het zover is gekomen. Mochten er nog stappen worden ondernemen in de richting van ‘Soestdijk terug in Nationale handen’, Nederland verzeker u dan van goede adviseurs en luister niet naar de commercie.

Carla Oldenburger-Ebbers

www.oldenburgers.nl

Groene Ommegang, ontwerp Dom van der Laan

Mamelis (gem. Vaals). Complex St. Benedictusberg.
Architecten van het Kloosterhuis (het carré van gebouwen rondom een kloosterhof) waren Dom Böhm en M. Weber (1922). Architect van de abdijkerk grenzend aan de nieuwe kloosterhof (1968) en de bibliotheek met voorhof (1987) was Dom van der Laan.  Foto Google Earth 2020.


Ontwerp / hoogtelijnenkaart  Dom van der Laan, Mamelis. Aansluitend aan het gebouwencomplex liggen de groene trapeziumvormige ommegang (te bereiken vanuit de voorhof) en de moestuin (in de zuidoostelijke hoek van de ommegang). Het weiland in het centrum van de ommegang is vanwege de droogte bijna geel gekleurd. Noorden boven. Februari 1958.


Jaarlijks wordt er door de monniken van St. Benedictusberg (Mamelis) Sacramentsdag gevierd met een processie door de groene ommegang. Sacramentsdag valt op de tweede donderdag na Pinksteren (of op de zondag erna) en herdenkt de instelling van het Sacrament van de Heilige Eucharistie.

De monniken lopen dan in processie (met het Sacrament onder een baldakijn) vanuit de kerk door de groene ommegang (gevormd door 4 rijen bomen), langs de begraafplaats van de overleden monniken en langs de moestuin, en beëindigen de rondgang (via de voorhof) in de ‘nieuwe kloosterhof’. Hier is een slotbijeenkomst, waarin het Allerheiligste Sacrament wordt gezegend.

St. Benedictusberg, Mamelis.. Zicht op het centrale weiland, vanuit de groene ommegang. Foto Carla Oldenburger 2006

Het woord ommegang wordt vooral gebruikt bij bedevaartskerken. Men vindt daar in het algemeen een aangelegde ommegang (in een kerk of in een tuin) met kapellen waar men kan bidden bij de voornaamste gebeurtenissen uit het leven van de vereerde heilige; analoog hieraan noemt men ook een kruisweg met zijn veertien staties (gebeurtenissen uit het leven van Christus) wel een ommegang.

St. Benedictusberg, Mamelis. Processie door de groene ommegang langs de klooster-begraafplaats. Ontwerp kruis Dom van der Laan. Foto Carla Oldenburger 2006

 

St. Benedictusberg, Mamelis.. Vanuit de groene ommegang zicht op de nieuw aangeplante vruchtbomen, in de moestuin / boomgaard. Foto Carla Oldenburger 2006

 

Mamelis, gem. Vaals .St. Benedictusberg. Moestuin en kassen zijn de laatste jaren niet optimaal in gebruik. Foto RCE

 

Mamelis, gem. Vaals .St. Benedictusberg. Einde processie in de arcade van de ‘nieuwe’ tweede kloosterhof. Ontwerp Dom van der Laan, 1968. Foto RCE

Zoals boven in de ondertitel van de luchtfoto aangegeven, is Dom van der Laan naast de ontwerper van de abdijkerk, de nieuwe hof, de bibliotheek en de voorhof, ook de ontwerper van de trapeziumvormige groene ommegang, gevormd door 4 rijen bomen en rondom een centraal weiland waar vroeger het kloostervee graasde. In het Archief van Dom van der Laan bevindt zich het eerste ontwerp van Van der Laan getekend in 1956 op een deel van de Hoogtekaart van Nederland.

De abdij is gesitueerd vlak bij de provinciale weg Maastricht-Aken, op een hoogte uitkijkend over het dal van de Selzerbeek. Dit Selzerbeekdal wordt aan de noordzijde begrensd door het Plateau van Bocholtz, met de Schneeberg en het Kolmonderbosch. Aan de zuidzijde rijst het Plateau van Vijlen op.

Het abdijcomplex St. Benedictusberg staat op de rijksmonumentenlijst, d.w.z. het complex van Böhm en Weber. De kerk en bibliotheek en consistorie van Dom van der Laan nog niet. Ook de groene ommegang rond genoemd weiland, incl. de kloosterbegraafplaats en de moestuin, komen niet in de redengevende omschrijving voor. De werken van Dom van der Laan zijn nu echt wel 50 jaar oud. Dat dat nog niet zo is, staat als reden opgegeven waarom het werk van Dom van der Laan niet in de redengevende omschrijving is opgenomen, maar die restrictie van vijftig jaar is anno 2021 wel vervallen.

Gerrit Rietveld (1888-1964). De omgeving van zijn bouwwerken. Het zicht van binnen naar buiten.

(244) Dit exclusieve zomerhuisje (ontwerp G. Rietveld, 1939. Stijl ‘Het Nieuwe Bouwen’) staat in de duinen bij het dorp Petten en kijkt enerzijds uit op het prachtige natuurgebiedje Het Korfwater van de Ver. Natuurmonumenten en anderzijds op de duinen van Staatsbosbeheer (de laatste duinreep voordat het strand begint)..

Petten Zomerhuisje naar ontwerp van Gerrit Rietveld, Duintuin in droge zomer 2017. Foto Carla Oldenburger

Iets ten zuiden van Petten is de duinenrij weggeslagen, waardoor er eertijds een dijk moest worden aangelegd, de welbekende Hondsbossche Zeewering. Met de laatste dijkverzwaring (omstreeks 2015) is een nieuw duingebied ontstaan: de Hondsbossche Duinen. Hierdoor is Petten meer dan voorheen aantrekkelijk geworden voor vele vogelaars, strandtoeristen, wandelaars en fietsers.

Aan de architect Gerrit Rietveld (1888-1964) is heel wat literatuur gewijd. Gebouwen, woonhuizen, zomerhuizen en meubilair worden uitgebreid door diverse architectuur-historici beschreven, maar aan de omgeving van zijn projecten wordt nooit aandacht besteed. Naar onze mening heeft Rietveld ook nooit een tuinarchitectonisch of landschapsarchitectonisch plan gemaakt, of ook maar met enkele pennestreken de omgeving van zijn huizen aangegeven, maar toch voel je als je vanuit de gebouwen of huizen naar buiten kijkt, dat hij de natuur waar mogelijk zoveel mogelijk in tact heeft willen houden. Hij ging met zijn adviezen tot de grens van het perceel. De paaltjes vooraan de weg (derde foto) moesten wit zijn. Tot heden is dat nog steeds het geval.

Zicht van binnen naar buiten. Vanuit het zomerhuisje richting het natuurterrein in het centrum van het Korfwater. Foto Hendrick de Keijser

Of je nou van binnen naar buiten kijkt of van buiten naar binnen, natuur is belangrijk.

Petten. Rietveldhuisje. Hendrick de Keijser. Tuin voor het huis. Duinrozen. 2021. Foto Carla Oldenburger
Rietveldpaviljoen. Otterlo. 2020. Van binnen naar buiten. Foto Carla Oldenburger

In het Beelden-Paviljoen word je met beelden in aanraking gebracht, maar de natuur gaat niet opzij.

Rietveldpaviljoen. Otterlo. 2020. Van buiten naar binnen. Foto Carla Oldenburger

Groen voor Rietveld betekent natuur en geen cultuur.

Diashow: BUITENPLAATSEN IN AMERSFOORT, RANDENBROEK EN NIMMERDOR

https://www.slideshare.net/CarlaOldenburger/ppp2012-randenbroek-en-nimmerdor

(22 x op Slideshare bekeken)

(242) De afgelopen jaren heeft ons bureau tweemaal een opdracht voor de gemeente Amersfoort uitgevoerd. Eenmaal een Tuinhistorisch onderzoek op de buitenplaats van de architect Jacob van Campen, Park Randenbroek, en eenmaal een Tuinhistorisch onderzoek op de buitenplaats van de toneelschrijver Everhard Meester, Park Nimmerdor.

Bovenstaande diashow laat de bijbehorende afbeeldingen zien die deze onderzoeken ondersteunen.

Wat is een Sterrenbos? DIASHOW

https://www.slideshare.net/CarlaOldenburger/sterrenbos-frederiksoord

(182 x op Slideshare bekeken)

(239) Een sterrenbos op een buitenplaats komt tamelijk veel voor. Men herkent het niet altijd, daarom deze uitleg. Een sterrenbos bestaat meestal uit twee lanen die elkaar kruisvormig kruisen en twee lanen die elkaar diagonaalsgewijs kruisen. Hun middelpunten vallen samen. Tussen de lanen liggen driehoekige bosvakken. Een sterrenbos heeft eigenlijk twee doelen. 1) het is een productiebos. De rechte lanen worden gevormd door beuken of eiken die de tussengelegen driehoekige vakken met hakhout afschermen. Het hakhout werd vroeger om de paar jaar gekapt en kon voor verschillende doeleinden gebruikt worden. 2) het is een jachtbos, speciaal voor kleinwild. De jager vatte met zijn geweer post op een van de lanen, terwijl de honden het wild moesten opjagen. Zodra de hazen, konijnen, fazanten, of zwijnen de laantjes overstaken, stond de jager met zijn geweer klaar om te vuren. Op onderstaande topografische kaart is te zien dat het middelpunt van een sterrenbos meestal uitkijkt over acht lanen.

Deze bossen zijn een cultuurhistorisch bosrelict uit vroeger tijden. Op oude topografische kaarten zijn ze makkelijk te onderscheiden.

Topografische kaart omgeving Amersfoort, met middenin het sterrenbos van de buitenplaats Nimmerdor

ONAFHANKELIJK ADVIES  T.A.V. VERZAMELBELEID TUIN- EN LANDSCHAPSARCHIEVEN

(238) Onderstaande notitie publiceerde ik 17 februari 2021 op Linkedin en heb ik naar de organisatie van de Webinar gestuurd die over het verzamelbeleid van de Nederlandse Tuin- en Landschapsarchiutectuur-archieven werd georganiseerd. Wachten is op het rapport dat in verband met dit onderwerp zal verschijnen. Ik heb daarover nog niets gelezen en wil met mijn advies nog eens aandacht vragen voor deze zaak.

“Op de website van Het Nieuwe Instituut in Rotterdam stond te lezen dat het Ministerie van OCW een onderzoek is gestart naar een mogelijk (gezamenlijk) verzamelbeleid ten aanzien van tuin- enlandschaps-architectuurarchieven. Het instituut presenteert zich als ‘Museum voor Architectuur, Design en Digitale Cultuur’ en als ‘Rijkscollectie – ook als rijksarchief- voor Nederlandse Architectuur en Stedenbouw’; en vanaf 2021 als een nationale erfgoedinstelling (met verschillende BIS-taken). En dit laatste houdt in dat de instelling zich verzekerd weet van meer financiële continuïteit voor met name het archief. Daarnaast werkt het samen met andere partijen aan de ontsluiting van design- en digitale cultuurarchieven, de andere pijlers van HNI.

HNI heeft nu ontwerpers, onderzoekers, archiefbeheerders en beleidsmakers opgeroepen om 4 maart 2021 samen te komen in een digitale Kennisbijeenkomst (titel: ‘Het geheugen van het ontworpen landschap’), om van gedachten te wisselen over een gezamenlijk beleid voor ontsluiting van de Nederlandse Stedenbouw (in de ruimste zin van het woord, met name de Nederlandse Tuin- en Landschapsarchitectuur). Het HNI denkt ook aan een gezamenlijk verzamelbeleid betreffende het thans aanwezige materiaal in het Nationaal Archief, Het Nieuwe Instituut, Speciale Collecties WUR, regionale archieven en stadsarchieven. Deze collecties tezamen geven nu een gefragmenteerd (en onsamenhangend) beeld van de Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur, en dat zou beter kunnen.

Ter orientatie eerst een overzicht van bachelor- en masteropleidingen in de tuin- en landschapsarchitectuur: Wageningen UR; TU Delft; Academie voor Bouwkunst Amsterdam; Van Hall Larenstein; HAS Den Bosch. Hierbij horen beherende instellingen: a) in Wageningen worden de collecties boeken, ontwerpen en documentatiematerialen op het gebied van tuin- en landschapsarchitectuur beheerd en ontsloten door de Bibliotheek WUR (incl. Afd. Speciale Collecties, de Opleiding Landschapsarchitectuur en Ruimtelijke Planning; Van Hall Larenstein en HAS Den Bosch); b) in Delft is de Bibliotheek Bouwkunde & Kaartenkamer de beheerder van boeken, ontwerpen en documentatiematerialen.

Naast genoemde opleidingsinstituten hebben ook de volgende musea en archieven een verscheidenheid aan materialen op het verzamelgebied: Van Eesteren Museum; Museum Paleis Het Loo; Frans Hals Museum; Teylers Museum; Rijksmuseum; Amsterdam Museum; en niet te vergeten de (provinciale) archieven, waaronder speciaal genoemd Noord-Hollands Archief; Stadsarchief Amsterdam; Tresoar Leeuwarden en het Gelders Archief.

De praktijk wijst uit dat tuin- en landschapsarchitecten bij het beëindigen van hun bureau hun collecties wel willen afstaan (of in hun bureau willen achterlaten), maar vaak weten ze niet aan wie. Hun opdrachten strekten zich uit door heel Nederland. Het gebeurt dan ook maar al te vaak dat een collectie van één architect is terug te vinden in heel veel verschillende gemeentes. Alleen voor hen die in opdracht van één gemeente hebben geopereerd, is duidelijk waarom hun werk in die gemeente bewaard is gebleven. Architecten met een eigen bureau schenken hun collecties soms aan het archief in de plaats waar ze geboren zijn of aan de plaats of universiteit waar ze gestudeerd hebben. Architecten die voor grotere instellingen als bijvoorbeeld Staatsbosbeheer of het Rijksvastgoedbedrijf werkten hoeven meestal geen keuze te maken. Hun werkt blijft achter in die instellingen totdat de collectie -zoals al meer malen is gebeurd- in de vuilnisbak belandt.

Vanuit het oog van de onderzoeker is het natuurlijk heel aantrekkelijk als alle ontwerpen en documentatiematerialen op het gebied van tuin- en landschapsarchitectuur in één databank gevonden kunnen worden, maar alle beheer-instellingen zijn doorgaans niet op een zelfde manier toegankelijk gemaakt en de onderzoeker zal daarom -op zoek naar 1 ontwerp vaker in verschillende databanken moeten zoeken. Daar is geen oplossing voor te bedenken. Wat nu na bijna veertig jaar digitaliseren door de diverse bibliotheken, archieven en documentatiecentra is bereikt in de vorm van verschillende databanken, ligt vast en is goed georganiseerd. Alleen de toegang voor buitenstaanders is nogal eens onduidelijk en zou verbeterd kunnen worden.

Het verzamelbeleid op zich snakt naar duidelijkheid. De laatste jaren zijn nogal eens collecties door instellingen geweigerd. Als reden werd meestal opgegeven te weinig personeel om het materiaal te inventariseren en te digitaliseren, te weinig ruimte, te weinig aansluiting met andere collecties, etc. Er bestaat nauwelijks duidelijkheid over wie welke collecties opneemt, dus kan men overal aankloppen. In het verleden zijn ooit vage afspraken gemaakt over opnamebeleid tussen WUR / Speciale Collecties en HNI, maar in de praktijk is dat mis gelopen.

Toch zou het onderzoek met een duidelijk opname-beleid gebaat zijn. Voor individuele architecten die hun materialen willen afstaan t.b.v. de wetenschap, is misschien de volgende ‘regel’, aansluitend aan wat nu al gebeurt op het gebied van bibliotheek-ontsluiting, aanbevelenswaardig:

* Collecties van T&L-architecten gestudeerd aan WUR, overdragen aan WUR / Spec.Collecties;

* Collecties van T&L-architecten gestudeerd aan HAS, overdragen aan WUR / Spec.Collecties;

* Collecties van T&L-architecten gestudeerd aan Van Hall Larenstein, overdragen aan WUR / Spec.Collecties;

* Collecties van T&L-architecten gestudeerd aan TU Delft, overdragen aan Bibl. Bouwkunde en Kaartenkamer;

* Collecties van T&L-architecten gestudeerd aan Academie van Bouwkunst, overdragen aan HNI.

Instellingen en bureaus die afstand van collecties willen doen, kunnen zich mogelijk aan deze regels conformeren. Op deze manier kunnen belangrijke collecties voor de wetenschap behouden blijven.”

Carla Oldenburger, 17-02-2021

DIA-SHOW: GESCHIEDENIS VAN DE NEDERLANDSE TUINARCHITECTUUR AAN DE HAND VAN KAARTMATERIALEN

https://www.slideshare.net/CarlaOldenburger/historische-kaarten-en-tuinen

(386 x bekeken op Slideshare.nl)

(233) Historische kaartmaterialen zijn naast historische ontwerpen van tuinen, parken en landschappen een belangrijke bron voor het verkrijgen van een zicht op de ontwikkeling van de tuin- en landschapsarchitectuur. Ook topografische kaarten vanaf ca. 1850 (in de vorm van de Topografische Militaire Kaart van Nederland) kunnen een beeld verscherpen, alhoewel deze kaarten zelf meestal onnauwkeuriger zijn dan losse kaarten van één landgoed of regio.

DIASHOW: CULTUURHISTORIE EN GEBRUIK VAN Buxus sempervirens.

https://www.slideshare.net/CarlaOldenburger/buxus-ziek-oplossingen-242170674

(421 x bekeken op Slideshare.nl)

(229) In 2020 hield ik op Kasteel Amerongen een lezing over de cultuur-historie en het gebruik van Buxus sempervirens. De achterliggende bedoeling was om te laten zien hoe belangrijk de toepassing van Buxus sempervirens in de loop van de cultuurgeschiedenis altijd is geweest, en wat te doen in deze tegenwoordige tijd nu de Buxus zo vaak wegvalt door aantasting van de Buxusmot.

De reeks presentaties die wij hebben opgebouwd omdat gemeentes, verenigingen, stichtingen etc. ons hebben uitgenodigd in het verleden, staan op het Bericht van 1 februari opgesomd. Wenst u een bepaalde voorstelling of bepaalde foto’s los te gebruiken, omdat u deze zou willen gebruiken voor uw werk, wilt u dit dan melden in een reactie? Wij zorgen er dan voor dat u van ons toestemming ontvangt en vragen u dan de naam van ons bureau als bron te vermelden.

We proberen de komende tijd ongeveer 1 x per week een nieuwe diashow te plaatsen.

(Deze voorstelling blijkt heel populair te zijn. De eerste 2 dagen is deze bijdrage al meer dan 400 x op LinkedIn bekeken. Benieuwd wat de score is na 1 week).